Bachelor in Econometrie en Operationele Research
Het tweede en derde jaar; inhoud van de Bacheloropleiding
Tweede Bachelorjaar
Ook het tweede bachelorjaar is in vijf blokken verdeeld. Je krijgt naast statistiek, wiskunde en economie vakken (Finance en Marketing), Econometrie en Operationele Research (Besliskunde) vakken. In het laatste blok krijg je je eerste werkcollege. Hier kun je de theorie, die je in de eerste anderhalf jaar hebt geleerd, toepassen. Tijdens het werkcollege werk je in groepjes van drie of vier studenten. Er worden vier actuele problemen uit de praktijk uitgewerkt. Voor ieder afstudeertraject is er een aparte opdracht. Op die manier kun je een gefundeerde keuze maken uit de vier afstudeertrajecten.
Derde Bachelorjaar
In het begin van het derde bachelorjaar is er ruimte voor het volgen van een minor (een verzameling van keuzevakken, mogelijk op een ander vakgebied dan de econometrie) of een stage. Je hebt de keuze uit verschillende minoren die aangeboden worden door de economische faculteit en daarbuiten. Eventueel kan je dit blok ook in het buitenland studeren. Een andere mogelijkheid om buitenlandse ervaring te krijgen, is door deel te nemen aan de internationale studiereis die jaarlijks door het Econometrisch Dispuut wordt georganiseerd. Na de minor kies je voor een afstudeerrichting, ook wel major genoemd. De vier richtingen waaruit je kunt kiezen, zijn:
- logistiek (Quantitative Logistics)
- financiële econometrie (Quantitative Finance)
- marketing econometrie (Quantitative Marketing)
- algemene econometrie (Econometrics)
Het programma van de afstudeerrichting bestaat uit een aantal samenhangende vakken, waaronder een specialistisch econometrie of besliskunde vak, een werkcollege en de bachelorscriptie. Tijdens het werkcollege wordt opnieuw een probleem uit de praktijk opgelost in groepjes van drie of vier studenten onder intensieve begeleiding van een docent. Het onderwerp hangt af van de gekozen afstudeerrichting.
