Schooldecanen en mentoren   Nieuws   detail

Promotie Drs. I.H. Vroomen

Titel proefschrift
Taal van de Republiek. Het gebruik van vaderlandretoriek in Nederlandse pamfletten, 1618-1672


Promotoren:
Prof.dr. R.C.F. von Friedeburg


Datum
15 mei 2012 13:30


Locatie:
Woudestein, senaatszaal A-gebouw


Faculteit
Erasmus School of History, Culture and Communication (ESHCC)

Pamfletten voor het vaderland talrijk in zeventiende eeuw

Kritiek op overheden met effectieve taal

Pamfletten waren in de zeventiende eeuw het ideale medium om politieke denkbeelden te verspreiden, en termen als vaderland en patriot kwamen daarin erg veel voor. Pamflettisten gebruikten deze begrippen, of ‘vaderlandretoriek’, om politieke verantwoordelijkheid te kunnen opeisen, kritiek op overheden te legitimeren, om lezers te mobiliseren en te activeren. Dat concludeert Ingmar Vroomen in zijn proefschrift ‘Taal van de Republiek. Het gebruik van vaderlandretoriek in Nederlandse pamfletten, 1618-1672’. Hij promoveert dinsdag 15 mei 2012 aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

In pamfletten - ook wel het ‘massamedium’ van de zeventiende eeuw genoemd – kwamen begrippen zoals patriot en vaderland zeer veel voor. Voor dit onderzoek analyseerde Vroomen voor het eerst de volledige tekst van pamfletten  op het gebruik van deze begrippen. Hij concludeert  dat in meer dan de helft van de bijna 1700 onderzochte pamfletten  vaderlandretoriek voorkomt. De pamfletten zijn afkomstig uit vier crisisjaren (1618, 1619, 1650 en 1672), jaren waarin het voortbestaan van de Nederlandse Republiek door binnenlandse politieke en religieuze conflicten ernstig werd bedreigd, en tevens piekjaren in de pamflettenproductie.

Het gebruik van deze begrippen in de zeventiende eeuw was niet nieuw. In de beginjaren van de Nederlandse Opstand waren zij al onderdeel van de anti-Spaanse retoriek zoals ontwikkeld door Willem van Oranje en zijn medestanders. Wat veranderde in de zeventiende eeuw was dat deze retoriek nu werd ingezet voor interne strijd, zoals tijdens de Bestandstwisten.

Zo werd vaderlandretoriek in 1618 toegepast door pamfletschrijvers die zich keerden tegen landsadvocaat Johan van Oldenbarnevelt. Door te benadrukken dat zij patriotten waren en uit liefde voor het vaderland handelden, konden de pamflettisten die Oldenbarnevelt  ervan beschuldigden een landverrader te zijn, hun felle kritiek een rechtmatig karakter geven: niets anders dan het behoud van het vaderland was hun doel. Op eenzelfde wijze konden in 1672 (het Rampjaar) de vele oproeren en de gruwelijke moord op de gebroeders De Witt worden gerechtvaardigd door te stellen dat wanneer het vaderland bedreigd werd, alles geoorloofd was.

Vaderlandretoriek vervulde dus een belangrijke rol in politieke conflicten in de zeventiende-eeuwse Republiek. Het was een effectieve taal, waarmee kritiek kon worden omgebogen in een vorm van loyaliteit, en die groepen die normaal gesproken waren uitgesloten van besluitvorming bij politieke kwesties kon betrekken. Want een patriot had de morele plicht zich in te spannen voor het vaderland, en had het recht te handelen zoals noodzakelijk voor het vaderland, ook als hierdoor de vaste machtsverhoudingen doorbroken werden.

Nadere informatie:

Persvoorlichting, tel. (010) 408 1216, e-mail: press@remove-this.eur.nl


Publicatiedatum: 08 mei 2012