Reglement voor gebruik van computer- en netwerkfaciliteiten van de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR)

PREAMBULE

Onverminderd de toepassing van andere terzake geldende wettelijke en/of door de EUR zelf vastgestelde interne regelingen, richtlijnen en gedragscodes, zoals de Wet bescherming Persoonsgegevens (2000), de EUR-richtlijn wetenschappelijke integriteit (1997), de EUR-integriteitscode (2001), het studentenstatuut, de EUR-regeling m.b.t. het handhaven van de orde binnen de EUR-gebouwen en op de EUR-terreinen en m.b.t. het doelmatig c.q. rechtmatig gebruik van de EUR-voorzieningen (2000), gelden voor het gebruik van de computer- en netwerkfaciliteiten van de EUR de navolgende (aanvullende) regels:

ARTIKEL 1. BEGRIPSBEPALINGEN

In deze gebruiksvoorwaarden wordt verstaan onder:

a. Gebruikers: Alle onder artikel 2 lid a en artikel 2 lid b vallende personen.

b. Toezichthouder: de verantwoordelijke functionaris in de functie van directeur van het organisatieonderdeel van de EUR zijnde het SSC ICT die krachtens het bestuurs- & beheersreglement van de EUR de gemandateerde taak heeft toezicht te houden op het gebruik van faciliteiten (conform artikel 1 lid d ) en in het kader daarvan gerechtigd is regels op te stellen en instructies en aanwijzingen te geven.

c. EURnet: het geheel van technische installaties waaronder passieve (bekabeling) en actieve (communicatieapparatuur) componenten.

d. Faciliteiten: de computer en netwerkvoorzieningen binnen de EUR waaronder begrepen, de voorzieningen in de vorm van het EURnet en alle daarmede gekoppelde computerapparatuur, de verbindingen met andere netwerken (b.v. het Internet), computervoorzieningen die niet verbonden zijn met het EURnet in PC- en instructiezalen, openbare ruimten, kantoorruimten en technische ruimten, alsmede diensten die aan de gebruikers worden aangeboden en die de gebruikers in staat stellen te communiceren via het EURnet en daarmede in verbinding staande netwerken (o.a. het Internet).

e. Toegangscode: het samenstel van een gebruikers- of login-naam en de bijbehorende (geheime) autorisatiecode of password.

f. Emailadres: de volgens de "EUR standaard voor elektronische post-adressen" (Domeinadressering binnen de EUR d.d. 20/08/91) aan de gebruiker toegekende en voor hem geldende code ter aanduiding van zijn "elektronisch" postvak.

g. Mailbox (elektronisch postvak): ruimte, ingericht op een opslagmedium van een computer, die exclusief ter beschikking staat van de gebruiker voor ontvangst van voor die gebruiker bestemde binnenkomende elektronische-post.

h. Berichten: de uit teksten en/of beeld en/of geluid opgebouwde informatie, die met behulp van de faciliteiten tussen gebruikers, groepen gebruikers en externe gebruikers, worden uitgewisseld via EURnet en de daarmede in verbinding staande netwerken.

i. Informatie: de uit teksten en/of beeld en/of geluid opgebouwde gegevens(-verzamelingen), al dan niet gestructureerd, m.b.t. zaken en personen.

ARTIKEL 2. RECHT VAN GEBRUIK

a. Alle personen die in dienst zijn van of studerend bij de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) alsmede personen die in dienst zijn bij NWO en werkzaam zijn bij een organisatieonderdeel van de EUR, personen werkzaam bij organisaties waarmede de EUR een samenwerkingsovereenkomst heeft waarin o.a. het gebruik van faciliteiten geregeld is, stagiaires, promovendi en andere personen die in het kader van uitwisselings- of onderzoeksprogramma's verbonden zijn aan de EUR, kunnen gerechtigd worden gebruik te maken van de aan hen door de EUR ter beschikking gestelde faciliteiten.

b. Aan niet tot de categorie lid a. behorende personen (b.v. oud-medewerkers, overige derden) is het recht van gebruik van door de EUR ter beschikking gestelde faciliteiten alleen toegestaan op grond van expliciete schriftelijke toestemming van de directeur SSC ICT of diens gemachtigde.

ARTIKEL 3. ALGEMENE REGELS EN VOORWAARDEN

Het gebruik en inrichting van de faciliteiten is onderworpen aan de volgende regels en voorwaarden:

a1. De gebruiker mag de faciliteiten uitsluitend gebruiken na daartoe aan hem door of vanwege de EUR verstrekte toestemming.

a2. Expliciete toestemming: voor het gebruik van de faciliteiten, blijkt deze toestemming uit een aan de gebruiker verstrekte persoonlijke toegangscode.

a3. Impliciete toestemming: deze toestemming vloeit voort uit het gegeven dat bepaalde faciliteiten ter beschikking staan van de gebruiker op grond van de specifieke relatie van gebruiker met de EUR.

b. De toegangscode is strikt persoonlijk en niet overdraagbaar. Ten aanzien van de autorisatiecode of password is strikte geheimhouding verplicht.

c. De gebruiker is verantwoordelijk voor het gebruik dat van zijn toegangscode wordt gemaakt en het opvolgend gebruik van faciliteiten dat onder deze toegangscode wordt gemaakt. Gebruiker dient alle redelijke maatregelen ter beveiliging van zijn toegangscode te treffen.

d. Het is verboden systeem- of gebruikers-autorisatiecodes (passwords) op enigerlei wijze en in enigerlei vorm te bemachtigen.

e. De gebruiker zal bij constatering van misbruik van zijn toegangscode de toezichthouder hiervan onverwijld in kennis stellen.

f. De gebruiker is verplicht zich te houden aan algemene instructies die door of vanwege de EUR worden gegeven voor het gebruik van faciliteiten. Instructies en aanwijzingen die tijdens het gebruik van faciliteiten, door de toezichthouder worden gegeven, dienen terstond te worden opgevolgd.

g. De gebruiker is verplicht alle directe en indirecte schade die zij/hij door opzet, schuld of nalatigheid aan de faciliteiten toebrengt, aan de EUR te vergoeden.

h. Het is de gebruiker niet toegestaan zich toegang te verschaffen tot gegevens van andere gebruikers en tot programmabestanden van computersystemen of deze te wijzigen of te vernietigen, behoudens uitdrukkelijk daartoe verleende toestemming.

i. Het is de gebruiker niet toegestaan de door de EUR ter beschikking gestelde programmatuur, databestanden en documentatie te kopiëren of ter beschikking te stellen aan derden, behoudens daartoe verleende schriftelijke toestemming.

j. De gebruiker zal niet trachten toegang te verkrijgen tot computersystemen voorzover dit systemen betreft waarvoor geen expliciete toegangsmogelijkheid voor de gebruiker is gecreëerd.

k. De gebruiker zal geen acties ondernemen die de integriteit en continuïteit van de faciliteiten ondermijnen.

l. Het is verboden fouten en/of onvolkomenheden in de faciliteiten te gebruiken met het doel de integriteit en continuïteit van de faciliteiten te ondermijnen

m. Gebruikers zullen geen pogingen ondernemen op de faciliteiten hogere privileges te bemachtigen dan de hun toegekende privileges.

n. Het is verboden opzettelijk computer-"virussen" op en via de faciliteiten te introduceren.

o. Het is de gebruiker niet toegestaan in onevenredige mate beslag te leggen op de aan gebruiker ter beschikking gestelde faciliteiten, zulks ter beoordeling van de toezichthouder.

p. Het is verboden berichten, zowel direct als indirect, aan andere gebruikers of groepen gebruikers te verzenden met discriminerende, opruiende, aanstootgevende of bedreigende inhoud.

q. Het is verboden informatie die in strijd is met de wet of de goede zeden (o.a. pornografisch materiaal), informatie die de goede naam van de Erasmus Universiteit Rotterdam aantast, informatie die een discriminerend, racistisch, aanstootgevend, opruiend, of bedreigend karakter heeft, m.b.v. de faciliteiten op de faciliteiten vast te leggen en via de faciliteiten te verspreiden c.q. in de openbaarheid te brengen.

r. Het is niet toegestaan faciliteiten te gebruiken of te exploiteren voor doeleinden anders dan die welke voortvloeien uit hoofde van de functievervulling of studie aan de EUR.

s. Gebruiker zal de ter beschikking gestelde faciliteiten niet voor commerciële doeleinden gebruiken.

t. In de samenwerkingsovereenkomst of de expliciete schriftelijke toestemming zoals bedoeld in artikel 2a respectievelijk 2b, kunnen nadere voorwaarden voor het gebruik van de faciliteiten worden geregeld.

u. Aan het gebruik van onderdelen van faciliteiten kunnen aanvullende gebruiksregels en voorwaarden gesteld worden.

v. Het gebruik van de faciliteiten is voorts onderworpen aan de door de wetgever vastgestelde regels, wettelijke bepalingen en voorschriften.

w. Het inrichten van faciliteiten kan uitsluitend geschieden in overleg met en na goedkeuring door de toezichthouder.

ARTIKEL 4. GEBRUIK VAN MAILBOX OF ELEKTRONISCHE POST (E-MAIL) ACCOUNT

a. Het gebruik van de aan de gebruiker op persoonlijke titel ter beschikking gestelde mailbox of email account is strikt persoonlijk.

b. Het is de gebruiker niet toegestaan een niet voor hem geldend Emailadres te gebruiken.

c. Het is verboden Email berichten op enigerlei wijze te vervalsen.

d. Het is aan gebruikers verboden voor andere gebruikers bestemde Email berichten te lezen, kopiëren, wijzigen of uit te wissen.

e. In gevallen waar de continuïteit van de elektronische berichtenvoorziening in het geding is, zulks ter beoordeling van de toezichthouder, is het aan de toezichthouder toegestaan voor gebruikers bestemde berichten, indien nodig, te lezen, kopiëren, wijzigen of uit te wissen. De toezichthouder zal kennis over de inhoud, vorm en strekking van berichten van gebruikers op generlei wijze aan de openbaarheid prijs geven.

ARTIKEL 5. OVERIGE PRIVACY BEPALINGEN

a. De EUR in de hoedanigheid van de toezichthouder voert ter controle op de naleving van de regels in dit reglement geen systematische controle uit op het email- en netwerkverkeer van gebruikers.

b. In het kader van het technisch systeem- en netwerkbeheer vindt vastlegging plaats van gebruiks- en verkeersinformatie met een statistisch karakter (log-informatie) en in de vorm van periodieke kopieën van systeemtechnische en gebruikers-informatie. Deze gegevens worden niet langer dan een periode van een (1) maand bewaard.

c. Het College van Bestuur van de EUR houdt zich het recht voor in het kader van onderzoek na gerezen verdenking van handelen in strijd met dit reglement, gerichte controle uit te laten voeren door de toezichthouder op het email- en netwerkverkeer van individuele gebruikers.

d. Indien hiertoe gedwongen en gesommeerd door een vertegenwoordiger van de rechterlijke macht in de rang van rechter-commisaris of hoger zal het College van Bestuur van de EUR medewerking verlenen aan verstrekking van informatie aangaande gebruik van faciliteiten door individuele gebruikers.

ARTIKEL 6. SANCTIES

a. Bij constatering van misbruik van de faciliteiten of het gebruik in strijd met de regelgeving of wettelijke bepalingen, kan het College van Bestuur een sanctie opleggen, als bedoeld in het EUR-reglement m.b.t. de handhaving van orde binnen de universitaire gebouwen en op de universitaire terreinen en m.b.t. het doelmatig c.q. rechtmatig gebruik van de universitaire voorzieningen (laatstelijk gewijzigd maart 2000)

b. De gebruikers van faciliteiten kunnen, indien zij zich niet houden aan het bepaalde in deze regeling en/of de instructies of aanwijzingen, als bedoeld in artikel 3 lid f, niet opvolgen, of handelen in strijd met wettelijke bepalingen, uitgesloten worden van gebruik van de faciliteiten.

c. Tegen intrekken van de toegangscode of uitsluiting van het gebruik van de faciliteiten kan de gebruiker bezwaar maken bij het College van Bestuur van de EUR.