EconomieOpinie.nl   Artikelen   detail

Als China ontwaakt

Door: Willem Schramade

Maak China niet wakker, zou Napoleon gezegd hebben, want als zij ontwaakt dan schudt de wereld[1]. China is nu wakker. Sinds 1980 zijn honderden miljoenen Chinezen van armoede overgegaan naar de middenklasse. Wereldwijd zijn concurrentieverhoudingen gewijzigd en grondstoffenprijzen gestegen – door de aanleg van veel fabrieken, wegen en steden[2].

Wat betekent dat voor u? Veel. Ons eigen sociaaleconomische model staat op het spel en hervormingen zijn noodzakelijk. Maar gelukkig liggen er grote kansen in het oplossen van China’s problemen, vooral op het gebied van duurzaamheid.

Hoe China wakker werd: weg met de beperkingen
Een vijfde deel van de wereldbevolking woont in China, maar daar heeft Europa eeuwenlang weinig van gemerkt. De Chinezen leefden geïsoleerd en zeer arm. Pas de afgelopen drie decennia is die mensenmassa productief gemaakt, door simpelweg beperkingen weg te nemen. De kostenvoordelen tegenover het Westen werden zo groot dat de concurrentieverhoudingen in veel maakindustrieën drastisch veranderden. Plotseling konden zaken als speelgoed, kleding en elektronica veel goedkoper geproduceerd worden.

China’s invloed op het Westen: lagere prijzen, grotere ongelijkheid
China heeft ons goedkopere producten en goedkoop krediet gebracht, maar ook minder banen in de maakindustrie, waardoor onze economische basis versmald is. Als consument zijn we erop vooruit gegaan, als burger erop achteruit[3]. Inkomensverschillen zijn in de meeste Westerse landen toegenomen, in het nadeel van minder hoog opgeleiden. Stimulering van de huizenmarkt heeft dat deels gecompenseerd, maar had een andere ongelijkheid tot gevolg: die tussen generaties. Hoge huizenprijzen maakten veel babyboomers rijk terwijl hun huizen onbetaalbaar werden voor hun kinderen. En die jongere generatie moet de pensioenen en zorgkosten van die ouderen opbrengen. Noch in Europa noch in de VS heeft de politiek op deze problemen een adequaat antwoord geformuleerd. Daarmee bracht China ons indirect de opkomst van populistische partijen, die krampachtig aan onhoudbare verworvenheden vasthouden.

Economische transitie: van export naar binnenlandse vraag
China heeft veel bereikt, maar kent ook grote problemen: economisch, sociaal en internationaal. Het huidige economische model, gebaseerd op export en goedkope arbeid, is onhoudbaar. Concurrentievoordelen verdwijnen door stijgende lonen. Er zijn steeds minder onontgonnen markten over om naar te exporteren. Het land zal dus de transitie moeten maken van een exportgerichte economie naar een gebaseerd op binnenlandse vraag[4].

China’s sociale uitdaging: op naar duurzaamheid
China heeft grote sociale problemen: ongelijkheid, vergrijzing, vervuiling en onvrijheid. Veel tekenen wijzen erop dat China een amorele politiestaat is[5]. De opkomende middenklasse eist dan ook meer burgerlijke vrijheden. De leiders in Beijing zijn zich bewust van deze problemen en doen hard hun best ze aan te pakken. In veel opzichten is er zelfs veel te leren van de Chinese overheid. Want ze heeft een sterke blik op de toekomst, met grote nadruk op duurzaamheid, en maakt die in de huidige vijfjarenplannen zeer concreet. Verder doet ze experimenten met vormen van volksraadpleging die zelfs D66 nog niet heeft voorgesteld[6]. Maar uiteindelijk is de centrale overheid vrij zwak en voeren de rode baronnen lokaal de scepter. Zoals een oude Chinese wijsheid zegt: de heuvels zijn hoog en de keizer is ver weg.

Internationale betrekkingen: gespannen
Ook internationaal heeft China veel veranderd, want in haar onstilbare honger naar grondstoffen heeft China veel westerse ontwikkelingshulp vervangen door investeringen in infrastructuur. Daarbij schrikt ze er niet voor terug om zeer dubieuze regimes te steunen. Bovendien is er het traumatische verleden, met tussen 1840 en 1945 Westerse en Japanse overheersingen. Hierdoor heeft China een minderwaardigheidscomplex en de behoefte zich te wapenen tegen de boze buitenwereld, liefst met grote buffers buiten de eigen grenzen. Het land leeft op gespannen voet met vrijwel al haar buurlanden[7].

Wat gaat China ons nog meer brengen?
Het valt zeer te hopen dat de transitie naar een duurzamer, socialer en stabieler China succesvol plaatsvindt. Een instabiel China kan in oorlog raken met haar buurlanden en de VS, of uiteenvallen. Verder wordt 80% van China’s elektriciteit opgewekt met milieuvervuilende kolen, wat verergerd wordt door de stijgende vraag naar elektriciteit en de dalende kwaliteit van de kolen. Alternatieve energiebronnen, katalysatoren en efficiencyverbeteringen moeten hier uitkomst bieden. Wat de economie betreft, zal China niet langer deflatie (dalende prijzen) exporteren, maar inflatie (stijgende prijzen).

Het verval van Europa?
Betekent de opkomst van China ook de ondergang van Europa? Het antwoord is JA als Europa de struisvogelpolitiek van de populisten toepast: grenzen dichtgooien en alles doen zoals vroeger. Het resultaat is dan een onbetaalbare zorg, dalende concurrentiekracht en mogelijk de onttakeling van onze samenleving. Het antwoord is NEE als men inspeelt op de kansen die China's opkomst biedt, door oplossingen te bedenken voor haar problemen. Denk vooral aan de milieuproblematiek en het gebrek aan grondstoffen, die beide zijn aan te pakken met technologieën voor efficiënter en milieuvriendelijker energie- en materiaalgebruik. Een deel van onze bedrijven (zoals DSM en het Eindhovense technologiecluster) is daar hard mee bezig, een deel ook niet. Het gaat erom flexibel, duurzaam en innovatief te zijn en te blijven. Dan is ons sociale model levensvatbaar. De rol van de overheid is daarin cruciaal. Ten eerste zal zij de uit de hand lopende kosten van zorg en pensioenen moeten beperken. Ten tweede zal zij de vastgelopen woningmarkt moeten openbreken en de verkeersdoorstroming moeten bevorderen, zodat de arbeidsmarkt beter gaat functioneren.

Kortom: pak de kansen
China is ontwaakt en zal de wereld nog wel even blijven schudden. Maar wees niet bang en kijk naar de kansen. Die liggen vooral in het bieden van oplossingen voor China’s problemen, die deels ook de onze zijn. In beleggingstermen: wees long waar China short is.

 


 

Nadere informatie:

[1] Of hij het daadwerkelijk gezegd heeft staat niet vast.

[2] Zie ook mijn eerdere stuk over blijvend hogere grondstoffenprijzen: www.eur.nl/ese/nieuws/economieopinie/artikelen/detail/article/24518/
[3] Zie o.a. Robert Reich, “Supercapitalism”, Knopf, 2008.
[4] Daarnaast wordt geld lenen voor bedrijven kunstmatig goedkoop gehouden, wat leidt tot overinvesteringen, overcapaciteit, lage winstgevendheid en waardevernietiging. Het financiële systeem zal dan ook hervormd moeten worden.
[5] Persoonlijke waarden worden niet gerespecteerd en onteigeningen zijn schering en inslag. Men spreekt wel van een moreel vacuüm heerst.
[6] Zoals stemmingen door willekeurige groepen burgers na het uitgebreid horen van experts. Zie Mark Leonard, “What does China think?”, Harper-Collins, 2008.

[7] Robert Kaplan’s “Monsoon” (Random House, 2010) geeft een fascinerend beeld van het schaakspel om de Indische Oceaan, met als voornaamste spelers China, India en de Verenigde Staten.


Publicatiedatum: 03 april 2012



Willem Schramade is universitair docent Ondernemingsfinanciering aan de Erasmus School of Economics. Hij is gespecialiseerd in de waardering van ondernemingen.