Laudatio voor Joop van den Ende
Door Ben Vree, voorzitter Club Rotterdam
Geachte heer Van den Ende,
Als voorzitter van de Club Rotterdam, die samen met de Erasmus Universiteit en het Erasmus Trustfonds de Stichting Bernard Mandeville vormt, wil ik u hartelijk danken voor uw lezing. Zoals bekend eert de Stichting u vandaag vanwege uw pioniersrol in de live entertainmentsector en de waardevolle impulsen die u de culturele sector in Nederland bezorgt.
‘Pioniersrol in de entertainmentsector’, ‘waardevolle impulsen voor de cultuur’: het zijn mooie woorden, maar wat gaat daar achter schuil? Als we kijken naar uw rol op het gebied van live entertainment, heeft u veel Nederlanders een van de allerbelangrijkste dingen in het leven gebracht.
Ik doel daarmee op iets heel simpels, dat tegelijk heel wezenlijk is, en dat in het bestaan van geen enkel mens mag ontbreken: de lach.
Rond 1970 produceerde u de eerste revue met een tot dan relatief onbekende artiest: André van Duin hier vanmiddag aanwezig. Deze dolkomische revue kreeg de naam ‘Lach in de ruimte’ en werd een groot succes. De revue vormde een mijlpaal in de loopbaan van zowel André van Duin als uzelf. Talloze mensen zijn sindsdien aan het lachen gebracht door André van Duin, die tegenwoordig al jaren Nederlands meest bekende komiek is.
Zoals u weet eert de Stichting Bernard Mandeville elk jaar een persoon met grote maatschappelijke verdiensten. De mede door u wijdverspreide lach in de Nederlandse theaters en op televisie, is wat dat betreft een niet te onderschatten bijdrage aan onze maatschappij. Want een maatschappij waarin de lach volop leeft, is ook een maatschappij waarin veel mensen zich gelukkig voelen.
Naast de legendarische revues met André van Duin heeft u tal van andere theaterproducties, speelfilms en televisieprogramma’s op uw naam staan, waarvan eveneens velen genoten.
Zo produceerde u succesvolle speelfilms met onder meer Paul Verhoeven als regisseur, en maakte u zeer televisieprogramma’s als de Soundmixshow, Goede Tijden Slechte Tijden, en Onderweg naar Morgen – alle met een miljoenenpubliek.
Vanaf 1991 breekt er een nieuwe fase voor u aan, toen u uw eerste eigen musical produceerde. Dat was “Cyrano”, gebaseerd op de Franse legende Cyrano de Bergerac. In 1994 ging u samenwerken met John de Mol, met wie u samen het bedrijf Endemol oprichtte. In 2000 stapt u uit het bedrijf, om u met uw theaterbedrijf volledig te kunnen richten op het produceren van grote musicals, zoals The Wiz, The Lion King, Evita en Mary Poppins. Stuk voor stuk succesvolle producties die door tal van mensen met veel plezier zijn bezocht.
Wat betreft de eerder genoemde ‘waardevolle impulsen voor de cultuur in Nederland’ kom ik aan bij 2001, het jaar waarin u samen met uw echtgenote de VandenEnde Foundation opricht.
Via deze stichting houdt u zich bezig met het bevorderen van kunst en cultuur, en het stimuleren van ondernemerschap op deze gebieden.
Zo verstrekt de stichting beurzen aan jong talent, dat zich daardoor verder kan ontwikkelen. Ook ondersteunt de stichting projecten op het gebied van cultuureducatie, werd de nieuwbouw van het Stedelijk Museum Amsterdam ondersteund, en stelde de stichting leerstoelen voor Cultureel Ondernemerschap in aan de Universiteit van Amsterdam en aan deze universiteit.
Ook in ons eigen Rotterdam is uw stichting actief, zoals blijkt uit uw steun voor de Acteerschool van het Jeugdtheater Hofplein. Het meest tot de verbeelding sprekende werk van de VandenEnde Foundation is misschien nog wel de realisatie van het gloednieuwe en eigentijdse DeLaMar Theater in Amsterdam, dat in november 2010 zijn deuren opende.
Kortom, de VandenEnde Foundation speelt de hoofdrol in het stimuleren van de culturele ontwikkeling in Nederland.
Hoe is dit alles nu terug te voeren op Bernard Mandeville? Daarvoor gaan we 300 jaar terug, toen een van Mandevilles meest bekende werken verscheen: The Fable of the Bees. Hierin stelt Mandeville dat de mens van nature niet goed is, maar hebzuchtig en zelfzuchtig. Paradoxaal genoeg is dat in de ogen van Mandeville echter helemaal niet erg, want juist de gerichtheid van de mens op zijn eigen belang zal leiden tot maatschappelijke vooruitgang.
De stelling van Mandeville lijkt op het eerste oog een zeker cynisme in zich te hebben, maar bij nadere beschouwing blijkt het tegendeel waar. Immers, ook het willen helpen van anderen komt bijna altijd voort uit een innerlijke behoefte en is daarmee een vorm van het realiseren van een persoonlijk belang. En zo, geachte laureaat, kom ik uit bij uw stichting.
Via de VandenEnde Foundation, waar u jaarlijks een aanzienlijk vermogen in steekt, levert u een waardevolle bijdrage aan de maatschappij, meer in het bijzonder aan de culturele sector.
Toen u destijds besloot tot de oprichting van uw stichting, gaf u in interviews aan dat u hiertoe gedreven werd door de wil om iets terug te doen voor de samenleving. Uw wens om jonge talenten te helpen en culturele initiatieven te ondersteunen heeft u via uw stichting omgezet in daden, en dat verdient grote waardering.
Het is de combinatie van uw gedreven ondernemerschap en uw persoonlijke behoefte om een positieve bijdrage te leveren aan de cultuur in Nederland, die leidt tot de maatschappelijke vooruitgang waar Mandeville drie eeuwen geleden al op doelde. Uw inspanningen krijgen daarom vandaag de eer die ze verdienen. Namens de Stichting Bernard Mandeville en allen die hier vandaag aanwezig zijn: hulde.
Het is ons dan ook een voorrecht u nu de Mandevillepenning en de bijbehorende bul te mogen overhandigen.
