Rechtsgeleerdheid

Inhoud van de studie

Het collegejaar bestaat uit acht blokken van vijf weken. Per blok volg je één vak dat je afsluit met een tentamen. Elke week ben je bezig met onderwijsgroepen, zelfstudie, hoorcolleges en practica

Centraal staan de onderwijsgroepen en de zelfstudie die daarmee samenhangt. Met tien studenten en een tutor analyseer je een probleem, bijvoorbeeld over Roger, wiens telefoon tijdens een festival gestolen is en die bij de politie aangifte doet. Met je groep stel je leerdoelen op en in de dagen daarna bestudeer je de relevante informatie. In de daaropvolgende onderwijsgroep bespreek je wat je hebt gevonden.

Jouw actieve bijdrage is dan cruciaal. Tijdens de hoorcolleges krijg je aanvullende informatie over het vakgebied. In de practica oefen je juridische vaardigheden, zoals rechtsregels analyseren en interpreteren, jurisprudentie lezen, juridische teksten schrijven en pleiten.

Onderwijsvorm

Je volgt onderwijs in de vorm van Erasmus Law College. Dit wordt ook wel het Probleem Gestuurd Leren (PGL) genoemd. Het houdt in dat het studiejaar opgedeeld is in 8 verschillende blokken. Elk blok beslaat 5 onderwijsweken. Gedurende deze 5 weken volg je 1 vak en elk vak bestaat uit onderwijsgroepen, practica en hoorcolleges.

Naast de contacturen op de universiteit is een groot deel van je week bestemd voor zelfstudie. Je gaat zelf actief op zoek naar informatie om het probleem, dat besproken wordt in je onderwijsgroep, op te lossen.

  • Een onderwijsgroep bestaat uit ongeveer 10 studenten, die onder begeleiding van een tutor een probleem bespreken, analyseren en uitwerken. Zo doe je niet alleen juridische kennis op, maar ook sociale en onderzoeksvaardigheden. Een actieve, professionele werkhouding is vereist en maakt ook deel uit van de beoordeling. Omdat je veel moet samenwerken, is aanwezigheid bij de onderwijsgroepen verplicht.
  • Tijdens de practica ligt de nadruk op het aanleren van beroepsvaardigheden. Dit wil zeggen, oefening in de praktische kant van de juridische beroepen: een pleidooi houden, een vonnis schrijven, een debat leiden etc. Deze mondelinge en schriftelijke vaardigheden worden gedurende het gehele bachelorprogramma opgebouwd.
  • De hoorcolleges dienen vooral ter ondersteuning van het werken in kleine groepen. Hierin worden bepaalde onderwerpen verdiepend uitgelegd. Ook leg je verbanden met andere vakken en worden de actualiteiten besproken.
Wat ik persoonlijk erg fijn vind aan deze methode is de kleinschaligheid ervan: er is genoeg ruimte voor iedere student om zijn of haar bevindingen te delen.
Oumaima el Manouzi
Student Bachelor Fiscaal Recht
Lees het volledige verhaal over Oumaima el Manouzi

Tentamens

Elk blok wordt na 5 weken afgesloten met een tentamen. Afhankelijk van het tentamenrooster kunnen de tentamens afgenomen worden op een vrijdag, een zaterdag of een maandag. Het tentamen kan plaats vinden op de volgende tijdstippen: van 09.30 - 12.30 uur, van 13.30 - 16.30 uur of van 18.30 - 21.30 uur.

Dit is tevens afhankelijk van de indeling van het tentamenrooster, deze wordt in augustus gepubliceerd.

Bindend Studieadvies

Als voltijdstudent moet je in het eerste jaar van inschrijving 60 ECTS van het eerste jaar (B1) halen.

Studenten die niet voldoen aan deze normen van het bindend studieadvies kunnen zich drie jaar niet inschrijven voor de opleiding.  Met persoonlijke omstandigheden kan eventueel rekening gehouden worden. Indien daar sprake van is, kan van de norm worden afgeweken.

Compensatieregeling

In het eerste jaar van inschrijving mag je maximaal twee afgeronde vijven (registratie Osiris) compenseren met andere behaalde cijfers voor tentamens van het B1. Echter moet dit aan het eind van het eerste jaar van inschrijving leiden tot een gemiddeld cijfer van tenminste een onafgeronde 6,0 voor alle B1 vakken (60,0 ECTS).

Herkansingen

Als bachelorstudent mag je maximaal twee hertentamens per studiejaar, per opleiding afleggen. De hertentamens van de vakken uit blok 1 en 2 van het eerste bachelorjaar vinden plaats in januari. De hertentamens van de vakken uit het tweede en derde bachelorjaar en de vakken van de blokken 3 t/m 5 uit het eerste bachelorjaar vinden plaats in juli. In het B1 mag maximaal één onvoldoende uit blok 1 of 2 worden herkanst in januari, in juli mag maximaal één onvoldoende uit blok 3 t/m 8 worden herkanst.

Taaltoets

De taaltoets is geen onderdeel van je inschrijving maar van het eerste bachelorjaar.

De taaltoets wordt in blok 5 van het eerste bachelorjaar afgenomen en deelname is verplicht.  Studenten die niet hebben deelgenomen aan de taaltoets, worden uitgesloten van deelname aan het B1-werkstuk Rechtssociologie aan het eind van het eerste bachelorjaar. De taaltoets Nederlands test de beheersing van de Nederlandse taal op het gebied van spelling, grammatica en woordgebruik. Er wordt uitsluitend basiskennis getoetst, die bij de aanvang van een universitaire studie aanwezig wordt geacht. Bij het onderdeel spelling wordt uitgegaan van ‘het Groene Boekje’ (Woordenlijst Nederlandse Taal, Sdu-uitgevers Den Haag 2015).

De toets bestaat uit meerkeuzevragen en neemt 1 uur in beslag. De Taaltoets Nederlands wordt in een studiejaar slechts één keer afgenomen.

    • Blok 1

      • Inleiding Rechtswetenschap geeft een algemene, brede kennismaking met het recht en de bestudering daarvan, de rechtswetenschap.

        Lees meer

    • Blok 2

      • In dit vak ligt de focus op de rechtsverhouding tussen de burger en de overheid.

        Lees meer

    • Blok 3

      • In dit eerste deel van het verplichte onderwijs strafrecht wordt begonnen met het uiteenzetten van grote lijnen, waarmee beoogd wordt de student een indruk te geven van wat ‘strafrecht’ inhoudt. 

        Lees meer

    • Blok 4

      • Tijdens dit vak maakt de student kennis met het privaatrecht en wordt een stevige basis gelegd voor de vervolgvakken Verbintenissenrecht en Goederenrecht. Privaatrecht betreft regels omtrent de rechtsbetrekkingen tussen personen onderling.

        Lees meer

    • Blok 5

      • Het vak Rechtsgeschiedenis geeft een kennismaking met het Romeinse recht en met de receptie van het Romeinse recht – inclusief de politieke achtergrond daarvan. 

        Lees meer

    • Blok 6

    • Blok 7

      • De student krijgt inzicht in de structuur van de verschillende heffingswetten en maakt kennis met de specifieke denkwereld die aan het bestuderen en beoefenen van het belastingrecht eigen is.

        Lees meer

    • Blok 8

      • Dit vak biedt een inleiding in de rechtssociologie, waarin de wereld van het recht centraal staat.

        Lees meer

    • Blok 1

      • Het vak Verbintenissenrecht bouwt, samen met het vak Goederen- en insolventierecht in het volgende blok, voort op het vak Inleiding privaatrecht uit B1. Beide vakken bieden zowel een verdieping als een verbreding van de daar aangeboden stof. 

    • Blok 2

      • In dit vak komt zowel het goederenrecht als het insolventierecht aan de orde. Bij het B1-vak Inleiding privaatrecht is de basis van het goederenrecht in hoofdlijnen behandeld. In dit vak wordt dieper op het goederenrecht ingegaan en staan verhaal, zekerheid en insolventie centraal. 

    • Blok 3

      • Het burgerlijk procesrecht is als het ware het sluitstuk van het materiële privaatrecht. Het burgerlijk procesrecht geeft de spelregels hoe partijen hun recht kunnen verwezenlijken. 

    • Blok 4

      • Het staatsrecht is het recht dat overheidsambten instelt en aan deze ambten bevoegdheden toekent. Daarnaast regelt het staatsrecht de verhouding tussen de verschillende overheidsambten en de relatie tussen de overheid en de burger. Al deze onderwerpen komen in het vak Staatsrecht aan de orde. 

    • Blok 5

      • Het bestuursrecht bestaat uit een algemeen deel en de zogenaamde bijzondere delen. Onder de bijzondere delen van het bestuursrecht vallen de diverse specialistische gebieden zoals vreemdelingenrecht, onderwijsrecht, sociaalzekerheidsrecht, ruimtelijk ordeningsrecht, milieurecht, ambtenarenrecht, wetgevingsleer.

    • Blok 6

      • In dit vak doet de student basiskennis op van het formele strafrecht, mede in Europees verband, met als doel op praktisch niveau om te kunnen gaan met de Nederlandse procesregels vanuit het perspectief van de diverse procesdeelnemers.

    • Blok 7

      • Het vak Materieel strafrecht borduurt voort op het B1-vak Inleiding strafrecht. In dat vak zijn de grote lijnen van ‘het strafrecht’ uiteengezet. Daarbij heeft de student kennisgemaakt met twee deelgebieden van het strafrecht, te weten het materiële strafrecht en het strafprocesrecht. In het onderhavige vak staat enkel het eerstgenoemd deelgebied centraal en wordt dieper ingegaan op het materiële strafrecht. 

    • Blok 8

      • This course aims to provide an understanding of the substantive law of the EU, particularly the internal market and the four freedoms, the meaning of EU citizenship, the system of legal protection within the EU, and the basics of economic integration. 

    • Blok 1 en 2

    • Blok 3

      • Handelsverkeersrecht heeft een eigen problematiek en dat is de problematiek van het contractuele web.

    • Blok 4

      • The course Public International Law focuses on the structure of international law and how that structure manifests itself in particular core regimes of international law such as the law on the use of force, human rights law, humanitarian law, law of immunities, law of state responsibility, international criminal law, international economic law and dispute settlement.

    • Blok 5

      • In dit blok staat de juridische relatie tussen werkgever en werknemer centraal. Voor veel mensen is het verrichten van betaalde arbeid een belangrijke bron van inkomsten om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien, maar wat heeft het eigenlijk voor gevolgen dat die arbeid meestal wordt verricht onder toezicht van een ander, binnen een groter verband (een onderneming)?

    • Blok 6

      • Bij dit vak gaat het vooral om hoe de ondernemingen zelf (kunnen) functioneren: oftewel hoe de juridische organisatie in elkaar steekt. In Nederland zijn ondernemingen in veel gevallen rechtspersonen of personenvennootschappen.

    • Blok 7

    • Blok 8

      • De algemene doelstelling van het vak valt in twee delen uiteen. Het eerste doel is om de studenten kennis en inzicht te laten verwerven in de normatieve grondslagen en de achtergronden van het recht en de vier grote rechtsgebieden. Het tweede doel van het vak is om de studenten te trainen in de schriftelijke vaardigheid om filosofisch te reflecteren op het recht en een beargumenteerd normatief standpunt in te nemen.