Minor Verdiepende Minor: The Mystery of Creation

Category
Deepening minor
Minor code
GENMIN43
Duration
10 weeks

Inhoud

Er zijn steeds meer aanwijzingen dat de groei van het embryo, als maat voor de embryonale gezondheid, bepalend is voor niet alleen de gezondheid van de foetus en neonaat, maar ook voor de gezondheid van het individu in het latere leven. De groei en ontwikkeling van het embryo worden beïnvloed door ziekten van de moeder tijdens de zwangerschap, maar ook door de gezondheid en leefstijl van de moeder én vader in de periconceptie periode.
Met nieuwe technieken, zoals embryoscopie, driedimensionale foetale echoscopie en virtual reality, is het nu mogelijk om het embryo te visualiseren en meer inzicht te krijgen in ‘the mystery of creation’. Deze nieuwe inzichten dragen bij aan de ontwikkeling van diagnostiek en therapie in de vroegste periode van het leven.

Dit nieuwe thema binnen de geneeskunde ontstijgt de zorg voor de zwangere tijdens de zwangerschap zoals van oudsher door de verloskunde wordt geleverd. Juist de samenwerking tussen de betrokken vakgebieden voortplantingsgeneeskunde, verloskunde, prenatale geneeskunde en neonatologie maakt het mogelijk om deze diagnostiek en therapieën te ontwikkelen en toe te passen.

In deze minor maak je zowel in theorie als praktijk kennis met dit nieuwe thema binnen de geneeskunde.

Leerdoelen

Na de minor is de student in bekwaam in:

  • kennis over de invloed van periconceptionele ziekten, gezondheid en leefstijl voor de fertiliteit, embryonale en neonatale gezondheid.
  • inzicht in biologische processen die het verband verklaren tussen embryonale gezondheid en de gezondheid van huidige en toekomstige generaties.
  • kennis en vaardigheden voor de vroege diagnostiek van embryokwaliteit en embryonale, foetale en neonatale gezondheid.
  • kennis van de ethiek rondom eiceldonatie, cryopreservatie van ei- en zaadcellen en van de grenzen van levensvatbaarheid.
  • beschrijven en toepassen van interventies en preventieve maatregelen die de gezondheid op korte en lange termijn positief beïnvloeden.
  • kennis en vaardigheden in de preconceptie-, perinatale en neonatale zorg te implementeren en valoriseren.

Bijzondere kenmerken

Deze verdiepende minor is alleen toegankelijk voor derdejaars bachelorstudenten Geneeskunde. Inhoudelijk sluit de leerstof aan op de kennis van jaar 1 en 2 van de studie Geneeskunde. De minor vertoont geen overlap met het thema 3A.

Inhoudelijke weekplanning

De eerste week staat in het teken van introductie waarin kennis wordt gemaakt met de minor en inleidende en algemene colleges en VO’s zullen worden gegeven.

In week 2 tot en met 9 zal aan de hand van weekthema’s worden ingevuld door verschillende docenten van (sub) specialismen (Voortplantingsgeneeskunde, Verloskunde, Prenatale diagnostiek, Neonatologie, Kindergeneeskunde, Gynaecologie). Voorbeelden van thema’s zijn:
(On)gezonde voeding en overgewicht: risico’s, lifestyle, epigenetica, e-health programma’s;
Foetale en neonatale gezondheid: aangeboren afwijkingen, genetica, prenataal echoscopisch onderzoek, foetale therapie;
Diagnostiek tijdens en na de zwangerschap: dreigende vroeggeboorte, de rol van de placenta, beademing van de pasgeboren;
De kwetsbare vrouw en haar kind: verslavingszorg, daklozen, psychiatrisch zieke zwangere, ethische kwesties.

Eén week bestaat vrijwel geheel uit het oefenen van praktische vaardigheden.

In de laatste week wordt de minor afgesloten met een symposium waar de studenten een kort referaat houden en wordt het tentamen afgenomen.

Onderwijswerkvormen

  • Hoorcolleges: plenair, door stafleden van de betreffende afdelingen en enkele gastdocenten
  • Klinische oriëntatie: bijwonen klinische besprekingen en visites op de betreffende afdelingen
  • Praktische vaardigheden: hands-on onderwijs (virtual reality, embryoscoop, echoscopie, laparoscopie)
  • Bezoeken van afdelingen en zorginstanties binnen en buiten het Erasmus MC (IC neonatologie, GGD, Jeugdzorg )
  • Scriptie en presentatie: hierbij wordt een actueel onderwerp uitgediept aan de hand van recente literatuur en beschreven in de vorm van een kort artikel. Studenten werken hierbij in koppels en worden begeleid door een staflid uit een der deelnemende specialismen. De scripties worden plenair gepresenteerd in week 10.
  • De onderwijsbelasting per week is ongeveer: 6 dagdelen colleges, 1 dagdeel kliniek/begeleider, 2 dagdelen zelfstudie. Overige dagdelen: invulling door ZO’s, klinische stages, etc.

Onderwijsmateriaal

De ingeschreven studenten ontvangen bij aanvang van de minor een reader waarin de onderwijsstof is gespecificeerd.

Tentaminering

Wijze van tentaminering

De minor kent 3 toetsonderdelen, de scriptie met bijbehorende afsluitende presentatie en het tentamen. In week 10 worden plenair de referaten gehouden en de verslagen beoordeeld. Eveneens in week 10 wordt een digitaal tentamen afgenomen over de gehele stof, in de vorm van MC en open vragen.

Samenstelling eindcijfer
De drie verschillende toetsonderdelen dragen als volgt bij aan de eindbeoordeling: scriptie 40%, presentatie 10%, tentamen 50% van het eindcijfer.

Daarnaast dienen de afzonderlijke toetsingsonderdelen met een voldoende (5,5 of meer) te worden afgesloten.

Er geldt een aanwezigheidsverplichting voor alle onderwijswerkvormen die tijdens de minor worden aangeboden.

Feedbackvorm
Aan het eind van iedere week is er de mogelijkheid tot een feedbacksessie.
Het tentamen wordt plenair nabesproken.

Frequently Asked Questions

Frequently asked questions (FAQ)

Contactinformatie

dr. Wendy Koster
Mw. Nicole Meulblok
Minor.kinderwens@erasmusmc.nl
010 7037033
Kamer Sp-3433

Category
Deepening minor
Minor code
GENMIN43
Duration
10 weeks
Organisation
Erasmus MC
Study points (EC)
15
Instruction language
Dutch
Location
Erasmus MC, Rotterdam