Heeft ons Nederlands een taaie levenskracht?

Deze cursus is een bespreking van enkele aspecten van taal en talen die onze opvattingen over de eigen taal nuanceren en ons dichter bij een antwoord brengen van de centrale vraagstelling. De aspecten die we behandelen zijn:
 

Taalverandering

(onze woordenschat verandert al in twee generaties;  hoe verder we in het verleden gaan, hoe minder we van de taal begrijpen)

Leenwoorden

(vreemde woorden worden bij ons "warm en gastvrij ontvangen" zegt Van der Sijs. Ook veel oude woorden blijken van vreemde herkomst)

Purisme

(met het oprukkende Engels vraagt menigeen zich af of we geen Nederlandse woorden hebben voor sale, song, enz. Nog algemener: moet onze taal niet gezuiverd worden van al die "vreemde smetten"?)

Taalopvattingen

(Italiaans klinkt mooi, Duits weer niet en Frans zou heel nauwkeurig zijn. De Engelse versie van een roman is véél beter...))

Dode talen

(Grieks en Latijn leert geen kind als moedertaal. Er zijn honderden talen verdwenen. Het Etruskisch was na twee generaties door het Latijn verdrongen)

Taalvergelijking

(De talen van Scandinavië lijken op elkaar. Dat is geen toeval; ze zijn verwant. Maar historisch en vergelijkend onderzoek kan Russisch aan Nederlands verbinden).

Kortom: de constante die we meestal een taal toeschrijven is niet zo stevig als we wel eens denken. Heeft ons Nederlands een taaie levenskracht?

Jan Postema MA

J. Postema MA studeerde Nederlandse taal- en letterkunde aan de Vrij leergangen in Amsterdam en werkte vele jaren als leraar Nederlands een middelbare scholen. Geïnteresseerd in de diversiteit van talen ging hij Fins studeren aan de universiteit van Groningen en werd master in de Finoegrische talen en culturen.

Inschrijven

Code

1721CR

Data

5, 12, 19 februari
5, 12, 19, 26 maart 2018

Dag en tijd

Maandag, 13.30 – 16.00

Locatie

Campus Woudestein (klik hier voor meer informatie)

Kosten

€266,- (incl. BTW)

Aantal bijeenkomsten

7