Jong geleerd

Al vanaf de basisschool colleges volgen? Tilly Schildt (65) en Rowan Huijgen (29) werken samen met student-docenten zoals Justin Poels (22) om wetenschap naar het klaslokaal te brengen. "Een gastjuf of -meester die zelf nog op school zit, dat is de succesfactor."

TEKST: Marieke Poelmann
FOTO: Jouk Oosterhof

Het is een groot succes: jaarlijks volgen al meer dan 4000 scholieren uit heel Zuid-Holland een leerprogramma via het Wetenschapsknooppunt aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Leerlingen zijn vaak flink onder de indruk als ze voor de eerste keer de universiteit bezoeken. "Wow, het lijkt hier wel een bioscoop," riep één van hen toen hij een collegezaal zag. En: "Mijn school past wel tien keer in dit gebouw!" Het Wetenschapsknooppunt haalt scholieren naar de universiteit en stuurt universitaire studenten naar scholen toe. Er zijn verschillende programma’s beschikbaar voor leerlingen tussen de 9 en 18 jaar; van eenmalige colleges tot lessenreeksen op maat.

Zelf leren nadenken

Wetenschap toegankelijk maken voor scholieren, dat is het doel van Rowan Huijgen en Tilly Schildt. "We willen kinderen interesseren voor wetenschap en ze vaardigheden aanleren voor de toekomst," legt Huijgen uit. De lessen waarin gewerkt wordt aan deze vaardigheden, gaan verder dan het curriculum van het reguliere onderwijs en zijn speciaal voor leerlingen die wat meer uitdaging aankunnen.
Er is relatief weinig kennisoverdracht, het gaat erom dat scholieren de juiste vragen leren stellen. 'Onderzoekend leren’ heet de methode waarmee wordt gewerkt: leerlingen zo nieuwsgierig maken naar een onderwerp dat ze zelf tot antwoorden komen door onderzoek te doen. De voornaamste taak van student-docenten is om de leerlingen daarin te begeleiden. "Wij geven handvatten en hebben vooral kennis van wat de scholieren moeten weten," vertelt Justin Poels. Poels werkt al twee jaar met veel plezier
als student-docent, naast zijn masterstudie Geschiedenis en bacheloropleiding Filosofie. Workshops geven over economie of psychologie zijn voor hem geen enkel probleem. Het niveau van de stof is zodanig dat alle universitaire studenten het kunnen begrijpen. "Al vind ik het wel extra leuk om les te geven in mijn eigen vakgebied. Met filosofie kun je lekker veel discussiëren."

Wat weten we dan zeker?

Het mooiste aan lesgeven vindt Poels de onvoorspelbaarheid van kinderen en hun onverwachte antwoorden. "Dat is een van de meest uitdagende, maar daarmee ook leukste dingen aan dit werk." Zo sprak Poels bij een lessenreeks Filosofie over de beleving van tijd en hoe je zeker kunt weten dat je wakker bent. Na een aantal lessen riep een jongen uit: "Als tijd een illusie is en we nooit weten of we wel wakker zijn, wat weten we dan eigenlijk nog wel zeker?" Poels moet lachen als hij erover vertelt.

Kinderen inspireren

Het feit dat de docenten zelf nog studeren is een grote succesfactor van het Wetenschapsknooppunt. "Een gastjuf of -meester die zelf nog op school zit, dat werkt," zegt Huijgen. "Voor de kinderen zijn de student-docenten rolmodellen, ze zien hen en beseffen: dat wil ik zelf later ook!" Voor de student-docenten zelf is werken voor het Wetenschapsknooppunt veel meer dan zomaar een bijbaan. "Ik vind het bijzonder om te zien dat ik echt iets kan bijdragen en kinderen kan inspireren," vertelt Poels. Hij overweegt om zijn lesbevoegdheid te behalen en door te gaan als docent. "Laatst vroeg een klas na de eerste les van de reeks of ik niet de rest van het jaar kon blijven."

Eindelijk een meester

Als mannelijke student heb je nog een extra toegevoegde waarde, aangezien er nog maar weinig mannelijke docenten te vinden zijn in het basisonderwijs. "Leerlingen vinden het geweldig om ook eens een meester hebben," zegt Poels. "Het komt wel voor dat ze mij per ongeluk 'juf' noemen, puur omdat ze dat zo gewend zijn." Een wetenschappelijke opleiding volgen moet voor iedereen bereikbaar zijn. Daarom vinden Schildt en Huijgen het belangrijk dat de universiteit op het netvlies verschijnt bij ouders en kinderen van allerlei verschillende achtergronden. "Overal heb je slimme kinderen," zegt Schildt. "Je hoopt dat ze zullen inzien: dit is in Rotterdam, dit is mijn stad en ik kan hier terechtkomen." Het uiteindelijke doel van het Wetenschapsknooppunt is dat studenten met een ander gevoel aan hun studie beginnen. "Ze hebben al een keer een professor ontmoet, voelen zich meer thuis en weten beter wat een universiteit precies inhoudt," zegt Huijgen. "Dit is er ook voor jou – dat is wat we scholieren willen meegeven."

"Dit is in Rotterdam, dit is mijn stad en ik kan hier terechtkomen"

  • Het Wetenschapsknooppunt van de Erasmus Universiteit Rotterdam biedt voor zowel het leerlingen van basisscholen als voortgezet onderwijs programma’s aan in onderzoekend leren en wetenschappelijk denken. Een greep uit het aanbod.

    Basisschool

    • Erasmus Junior College (plusklassen bovenbouw)

    • Individuele programma’s (hoogbegaafde leerlingen)

    • Online lessen

    • Workshops

    • Kindercolleges

      Voortgezet onderwijs