De Seniorkwalificatie Onderwijs (SKO) is een traject aan de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) bedoeld voor ervaren docenten die hun onderwijs verder willen ontwikkelen en een bredere rol willen vervullen binnen hun faculteit of de universiteit. Gedurende tien maanden werken deelnemers aan een eigen onderwijsinnovatieproject, gekoppeld aan thema’s van hun faculteit of de universiteit als geheel.
De SKO maakt deel uit van het bredere aanbod voor docentprofessionalisering van de Community for Learning & Innovation (CLI) en wordt verzorgd door Risbo. Deelnemers krijgen gedurende het hele traject begeleiding van een ervaren coach. Daarnaast volgen zij workshops, wisselen zij ervaringen uit binnen een peer group en leren zij van docenten uit andere faculteiten. Zo draait de SKO niet alleen om de ontwikkeling van één project, maar ook om de verdere professionele ontwikkeling van de docent.
In dit artikel vertellen SKO-coördinatoren Sandra Lousberg en Katja Tas over de opzet en kernwaarden van het traject en over de ontwikkeling die zij bij deelnemers zien. Pleunie van den Borne, lid van de SKO-klankbordgroep, vertelt wat deelnemers aangeven dat de SKO hen brengt. Daarnaast deelt SKO-alumnus Maurice de Rochemont zijn ervaringen. Hij vertelt hoe de SKO hem hielp om zijn onderwijsinnovatieproject rond generatieve AI verder uit te werken, kritischer te kijken naar de implementatie ervan en uiteindelijk een bredere rol op zich te nemen als AI Teaching Fellow.
Een rijke leeromgeving voor senior docenten
Cursus coördinatoren Sandra Lousberg en Katja Tas, beiden onderwijsadviseur bij Risbo, omschrijven de SKO als “een rijke leeromgeving waarin docenten aan een eigen onderwijsproject werken, ondersteund door workshops en andere vormen van begeleiding om het project van de grond te krijgen en verder te brengen.” Het onderwijsproject is daarbij niet alleen een eindproduct, maar vooral een middel voor de ontwikkeling van de docent zelf.
Vanuit de klankbordgroep kijkt Pleunie van den Borne al jarenlang mee met de SKO. In de eindgesprekken ziet zij vooral hoeveel het deelnemers oplevert dat zij tijd en ruimte krijgen om aan hun onderwijs te werken. Waar de dagelijkse praktijk daar niet altijd ruimte voor biedt, kunnen zij binnen de SKO bijvoorbeeld een leerlijn ontwikkelen, een curriculum verder uitwerken of een onderwijsvernieuwing onderzoeken.
Van ‘gevoel’ naar onderbouwde onderwijskeuzes
In de SKO leren deelnemers hun onderwijsproject niet op intuïtie, maar op basis van onderwijskundige principes en onderzoek vorm te geven. Katja benadrukt dat veel academici hun onderwijs lange tijd vooral aanpakken op basis van persoonlijke ervaring, terwijl ze in hun onderzoek juist uiterst gefundeerd te werk gaan. De SKO wil diezelfde mate van onderbouwing ook in onderwijsbeslissingen brengen.
Differentiatie en trends in onderwijsinnovatie
De SKO is in 2022 vernieuwd. Bij die vernieuwing is, zoals Sandra benadrukt, sterk uitgegaan van de ontwikkeling en groei van de docent. De deelnemersgroep is divers: verschillende faculteiten, uiteenlopende vakgebieden en grote variatie in ervaring en instapniveau. Daarom is differentiatie een kernprincipe. Binnen het programma is op verschillende momenten keuzeruimte. Deelnemers kunnen, aansluitend bij hun eigen interesses, workshops kiezen en een (onderwijskundig) boek lezen. Zij passen de inzichten toe in hun eigen praktijk en delen hun ervaringen vervolgens in de boekenclub met andere deelnemers. In de thema’s van de projecten zien Sandra en Katja duidelijke trends terug: AI in het onderwijs, vaardighedenonderwijs en impactgedreven onderwijs komen steeds vaker voor. Het traject beweegt dus mee met bredere ontwikkelingen binnen de EUR en in het hoger onderwijs.
Leergemeenschap en voortrekkersrol
Een belangrijk doel van de SKO is dat docenten zich bewust worden van hun nieuwe, senior rol en die ook durven pakken. Katja benadrukt: “Je bent senior, dus je moet daarmee eigenlijk een voortrekkersrol kunnen innemen in je eigen team en het podium durven pakken. Voor sommige mensen is het heel fijn dat ze de SKO hebben, want dat voelt dan als: nu voel ik me erkend dat ik die rol mag pakken.”
Daarbij speelt de leergemeenschap een grote rol. Deelnemers werken in peer groups met collega’s uit andere faculteiten, waardoor ze elkaars vanzelfsprekendheden bevragen en zien dat het elders soms anders kan. Katja hoopt dat de contacten die tijdens de SKO ontstaan, blijven bestaan: dat docenten elkaar makkelijk blijven opzoeken als sparringpartner, ook ná het traject.
In de eindgesprekken hoort Pleunie regelmatig hoe waardevol deelnemers het vinden om collega’s uit andere faculteiten te spreken. Een docent van RSM komt in het dagelijks werk bijvoorbeeld niet vanzelfsprekend in gesprek met iemand van Erasmus MC, terwijl juist zulke ontmoetingen laten zien dat docenten soms tegen vergelijkbare vraagstukken aanlopen en daar binnen hun eigen faculteit heel anders mee omgaan. De SKO creëert daarmee ruimte voor gesprekken die in de dagelijkse onderwijspraktijk niet vanzelf ontstaan.
Maurice de Rochemont (RSM): AI als motor voor scriptiemotivatie
Maurice de Rochemont, academic director bij Rotterdam School of Management, illustreert hoe de SKO in de praktijk uitpakt. Na zijn promotie werkte hij enkele jaren buiten de universiteit. Terug op de campus rondde hij eerst zijn Basiskwalificatie Onderwijs (BKO) af, om de basis te leggen voor goed, didactisch verantwoord onderwijs. De SKO zag hij als een logische vervolgstap: hij wilde niet alleen zijn eigen vakken verbeteren, maar ook leren hoe hij op facultair niveau meer impact kon hebben met onderwijsinnovatie. Maurice: “Als je impact wil bereiken, dan kan de SKO je heel goed voorbereiden op datgene wat nodig is om op faculteitsniveau meer impact te creëren, omdat je dan systematisch en stapsgewijs leert hoe je dat proces moet aanpakken.”. In zijn rol als scriptiebegeleider zag Maurice dat veel studenten moeite hebben met de scriptie. Ze ervaren het proces als zwaar en zien de praktische of maatschappelijke relevantie van hun onderzoek vaak niet scherp. De scriptie voelt dan vooral als een “papieren eindpunt” dat nodig is voor het diploma.
Die ervaring wilde hij ombuigen. Zijn centrale vraag: kan AI studenten helpen om beter te zien wat hun scriptieonderzoek in de praktijk kan betekenen, en daarmee hun motivatie vergroten Vanuit deze vraag ontwikkelde Maurice binnen de SKO een interventie waarin scriptiestudenten AI‑tools inzetten als sparringpartner tijdens hun scriptietraject. Uit de reacties bleek dat studenten na deze oefening concreter en positiever dachten over de waarde van hun onderzoek. Ze zagen beter hoe hun scriptie kan bijdragen aan oplossingen in de maatschappij of in organisaties, en voelden zich daardoor merkbaar meer gemotiveerd.
Wat de SKO Maurice bracht
Voor Maurice was de SKO vooral een verbreding van zijn blik op onderwijsinnovatie: hij ziet nu beter wat er allemaal komt kijken bij vernieuwing, van privacy en IT‑veiligheid tot afstemming met onderwijsbestuur en subsidiestromen. Onderweg bouwde hij een netwerk op van coaches, onderwijskundigen en collega‑docenten binnen de EUR, dat hij nog steeds gebruikt om ideeën te toetsen en plannen rond AI in het onderwijs te ontwikkelen. Ook groeide hij in zijn rol als begeleider: van vooral advies geven naar meer coachend, vraaggestuurd werken met studenten en collega’s. Voor hem laat de SKO zien hoe je niet alleen je eigen onderwijs kunt verbeteren, maar ook systematisch en stap voor stap onderwijsinnovaties kunt realiseren die op facultair niveau echt impact hebben. Maurice: “Het tweede is: het heeft mij een geweldig netwerk opgeleverd. De coaches die ik heb mogen ontmoeten, die waren fantastisch. Dat netwerk is echt een enorme meerwaarde.”
Postermarkt
Aan het eind van de SKO wordt een postermarkt georganiseerd in het Education Lab van de CLI. Tijdens dit event presenteren alle deelnemers hun project aan de hand van een poster. Daarnaast gaan zij via een interactief onderdeel het gesprek aan met bezoekers om extra input op te halen en nieuwe inzichten te delen. De postermarkt is voor iedereen toegankelijk; alle geïnteresseerden zijn van harte welkom. In twee uur tijd maak je kennis met inspirerende ideeën en ontdek je waar collega’s en andere faculteiten mee bezig zijn. Eén van de pijlers van de SKO is om met en van elkaar leren. Dat gebeurt gedurende de SKO in de deelnemersgroep en in de peer group. Tijdens de postermarkt geven deelnemers hun geleerde lessen en ervaringen terug aan de community, zodat iedereen daarvan kan profiteren.
De eerstvolgende postermarkt vindt plaats op donderdag 15 oktober in het Education Lab. Je bent van harte welkom voor tussen 15.00 en 17.00 uur. Er staan lekkere hapjes en drankjes klaar. We hopen je daar te zien!
Gerelateerde evenementen
- Gerelateerde links
- Meer CLI nieuws

