Structureren

Typographic graphic with white fragmented “STRUCTURE” letters on teal background

De categorie structureren bevat ontwerptools die je in staat stellen ordening aan te brengen in de data en inzichten die je hebt opgedaan. 

De tools veronderstellen dus dat je al data hebt, en deze eventueel al hebt geanalyseerd. Elke tool beschrijft een andere manier van ordenen, waardoor elke tool je dwingt op een andere manier naar je data en inzichten te kijken. Dit helpt je om een 3-dimensionaal begrip van het vraagstuk of onderwerp te vormen, wat je vervolgens in staat stelt vruchtbare richtingen te ontdekken en innovatieve ideeën te verzinnen. 

Voor elke tool binnen de categorie structureren geldt een aantal algemene principes:

  1. Leg de ordening vast zodat je deze er later in je proces bij kunt pakken. 
  2. Behandel de ordening niet statisch, maar juist dynamisch: verander, verbeter en vul aan gedurende je proces. 
  3. Gebruik de ordening voor je proces, maar zeker ook voor de communicatie; bij elke tool wordt de basis gelegd voor het ontwikkelen van een mooie visuele weergave die zich goed leent voor verslaglegging, presentaties en overleggen. 
  4. Probeer tools uit de categorie structureren in combinatie met elkaar te gebruiken om een volledig en helder beeld van het vraagstuk te ontwikkelen.

Ontwerptools

Grafisch route-icoon met twee witte locatiepinnen op groene achtergrond

Wat 

Een journey map is een visuele weergave van de verschillende fases, activiteiten, instrumenten, interacties, beslismomenten, en emoties die gezamenlijk onderdeel zijn van een ervaring of proces. 

Waarom

Een journey map biedt een totaaloverzicht van een ervaring of proces en stelt je hiermee in staat de complexiteit ervan inzichtelijk te maken en mogelijke oplossingsrichtingen te identificeren. 

Hoe 

  1. Bepaal van welke ervaring of proces je een journey map wilt maken. 
  2. Denk na over de structuur van de ervaring of het proces. Identificeer de verschillende fases van de ervaring of het proces, en bepaal welke elementen je per fase wilt bekijken: activiteiten, instrumenten, interacties, beslismomenten, emoties enzovoort. Zie hiervoor het voorbeeldtemplate. 
  3. Zet de structuur van de journey map uit op een whiteboard, flipover, muur of tafel, of gebruik het voorbeeldtemplate. 
  4. Doorloop de journey map van begin tot eind. Welke elementen - activiteiten, instrumenten, interacties, etc. - horen bij de eerste fase? En bij de tweede? Enzovoort. Schrijf de inzichten die je hebt op post-its en plak deze op de juiste plek in de journey map. Ga door tot de gehele ervaring of proces tot in detail weergegeven is. 
  5. Bekijk de journey map van een afstandje. Wat valt op? Welke knelpunten en kansen zijn er per fase en over de gehele journey te identificeren? Voeg deze toe aan de journey map.

White molecular network graphic on teal background.

Wat 

Een stakeholder map is een visuele weergave van alle verschillende betrokkenen (mensen en organisaties) bij het vraagstuk, hun onderlinge relaties en interacties. 

Waarom 

Een stakeholder map biedt een overzicht van het complex aan betrokkenen die een rol spelen in het vraagstuk. Het stelt je in staat te identificeren hoe betrokkenen zich tot elkaar verhouden, welke rol zij innemen in het vraagstuk, welke rol zij eventueel in kunnen nemen in een oplossing, en met wie allemaal rekening gehouden moet worden bij het verzinnen van een oplossing. 

Hoe 

  1. Bepaal de structuur van de stakeholder map. Een veelvoorkomende structuur bestaat uit verscheidene cirkels opgedeeld in segmenten; een soort dartboard of vizier. In het midden komt de actor waarom het draait in de stakeholder map. De cirkels eromheen geven vaak weer hoe dichtbij of veraf overige stakeholders staan. De segmenten geven het type stakeholder weer, bijvoorbeeld: financiers, adviseurs, kennispartners of hulpverleners. Zie hiervoor het voorbeeldtemplate. 
  2. Zet de structuur van de stakeholder map uit op een whiteboard, flipover, muur of tafel, of gebruik het voorbeeldtemplate.
  3. Bepaal het vertrekpunt van de stakeholder map. Ben je dit zelf? Is het de opdrachtgever? De doelgroep? Of een andere betrokkene? Zet deze actor in het midden. 
  4. Identificeer de verschillende betrokkenen bij het vraagstuk. Schrijf deze op post-its en plak ze op de juiste plek in de stakeholder map. 
  5. Trek lijnen tussen de verschillende betrokkenen die je geïdentificeerd hebt. Wie staat met wie in contact en op wat voor manier?

White brain icon with arrow pointing right on teal background

Wat 

Een mindmap is een visuele weergave van associaties rondom een bepaald onderwerp. 

Waarom 

Een mindmap maakt de breedte en diepte van een onderwerp inzichtelijk. Het helpt een onderwerp in zijn geheel te zien, patronen te identificeren, verbanden te leggen en onderzoeks- of oplossingsrichtingen te bepalen. 

Hoe 

  1. Bepaal rondom welk onderwerp je de mindmap wilt maken. 
  2. Bedenk wat er allemaal te maken heeft met het onderwerp en schrijf dit op. Verken thema’s, aanpalende vraagstukken, oorzaken, normen en waarden, behoeften, enzovoort. Laat je associatieve denken de vrije loop gaan. 
  3. Identificeer patronen en leg verbanden. Cluster zaken die op een of andere manier met elkaar te maken hebben. Geef de clusters een naam en trek lijnen tussen clusters die aan elkaar gerelateerd zijn. 
  4. Breng aan de hand van de clusters en relaties een ordening aan. Gebruik verschillende kleuren om de ordening visueel te benadrukken.

White stylized longevity symbol with three stacked bars and looped base on teal background

Wat 

Een visgraatdiagram is een visuele structuur (in de vorm van een visgraat) waarin de onderliggende oorzaken en mechanismen van een probleem worden weergegeven. 

Waarom

Een visgraatdiagram helpt het probleem te begrijpen en belangrijkste oorzaken te identificeren, dit geeft vervolgens richting voor het vinden van oplossingen. 

Hoe 

  1. Bepaal welk probleem je beter wilt begrijpen. 
  2. Zet de structuur van de visgraatdiagram (zie het voorbeeldtemplate) uit op een whiteboard, flipover, muur of tafel, of gebruik het voorbeeldtemplate. 
  3. Definieer het probleem dat je beter wilt begrijpen. Zet deze op de juiste plek in de visgraatdiagram.
  4. Identificeer de voornaamste oorzaken van het probleem. Zet deze op de juiste plek in de visgraatdiagram. 
  5. Loop elke oorzaak na en identificeer onderliggende oorzaken en mechanismen. Zet deze suboorzaken bij de corresponderende hoofdoorzaak.
  6. Trek lijnen tussen de verschillende oorzaken om dwarsverbanden inzichtelijk te maken. 
  7. Breng eventueel een andere orde aan, bijvoorbeeld clusters van oorzaken die verband met elkaar hebben. Geef de clusters een naam en gebruik verschillende kleuren om de ordening visueel te benadrukken.

White user silhouette graphic on teal background

Wat 

Een persona is een representatie van een (deel van) de doelgroep waarvoor je een oplossing ontwerpt. Een persona geeft de belangrijkste kenmerken van deze groep weer, zoals persoonlijkheid, doelen, behoeften, dromen, motivators, frustraties en gedrag. 

Waarom 

Een persona geeft de doelgroep waarvoor je ontwerpt een gezicht. Het brengt de doelgroep tot leven. Zo ontwerp je voor een persoon en geen abstract beeld van de doelgroep. Dit inspireert en brengt tegelijkertijd focus aan in het ontwerpen van oplossingen. 

Hoe 

  1. Bepaal de doelgroep van je oplossing.
  2. Schrijf aan de hand van de data die je hebt je inzichten met betrekking tot de doelgroep op. 
  3. Cluster zaken die op een of andere manier met elkaar te maken hebben.
  4. Identificeer wat voor kenmerken de clusters weergeven. 
  5. Identificeer eventuele strijdige kenmerken binnen de clusters. Bijvoorbeeld introvert versus extrovert. Strijdige kenmerken geven verschillende subgroepen binnen de doelgroep weer. Zo kun je eventueel meerdere persona’s opstellen die elk een deel van de doelgroep representeren. 
  6. Combineer kenmerken die bij elkaar horen; wat voor type persoon heeft wat voor soort doelen, behoeften, dromen, etcetera. Dit is de basis van een persona. Gebruik hiervoor eventueel het voorbeeldtemplate. 
  7. Geef de persona(‘s) een naam en beschrijving. Zoek of maak een foto of illustratie die past bij de beschrijving. Voeg eventueel een illustratieve quote toe uit je data. 

White four-pane grid icon on teal background

Wat 

Een SWOT analyse is een methode om een project, organisatie, sector of oplossing te evalueren aan de hand van interne en externe factoren (strengths, weaknesses, opportunities en threats). 

Waarom

Een SWOT analyse brengt interne en externe factoren in kaart die voor een project, organisatie, sector of oplossing een belemmering of juist een kans vormen. Dit helpt om richting te bepalen, toekomstscenario’s te ontwikkelen, strategieën te formuleren en beslissingen te nemen. 

Hoe

  1. Bepaal het object van de SWOT analyse. Is dit je project, de organisatie van je opdrachtgever, het vraagstuk, een bepaalde sector of een oplossing?
  2. Zet de structuur van de SWOT analyse uit op een whiteboard, flipover, muur of tafel, of gebruik het voorbeeldtemplate.
  3. Identificeer op basis van je data en inzichten factoren die van invloed zijn op het object van de SWOT analyse en schrijf deze op.
  4. Bepaal of deze factor een strength, weakness, opportunity of threat is en plaats deze op de juiste plek in het matrix. 
  5. Cluster binnen de SWOT structuur zaken die met elkaar te maken hebben. Wat voor categorieën aan strengths, weaknesses, opportunities en threats zijn er te identificeren? Geef de clusters een naam en trek lijnen tussen clusters die aan elkaar gerelateerd zijn.

Teal placeholder graphic of mountain peaks and a sun

Wat 

Een vraagstuk landschap is een weergave van (ontwikkelingen in) gedrag, normen en waarden, economische en institutionele structuren rondom het vraagstuk. 

Waarom

Het vraagstuk landschap brengt in kaart welke factoren van invloed zijn op het vraagstuk, op wat voor manier deze met elkaar samenhangen, en op wat voor manier deze verandering of juist stabiliteit teweegbrengen. Dit draagt bij aan het creëren van overzicht en het helpt bij het identificeren van de juiste ‘knoppen’ om het vraagstuk de goede kant op te bewegen. 

Hoe 

  1. Bepaal van welk vraagstuk je een vraagstuk landschap wilt maken.
  2. Zet de structuur van het vraagstuk landschap uit op een whiteboard, flipover, muur of tafel, of gebruik het voorbeeldtemplate. 
  3. Identificeer lange termijn ontwikkelingen rondom het vraagstuk. Zet deze in de middelste cirkel van het vraagstuk landschap. 
  4. Breng het huidige systeem rondom de lange termijn ontwikkelingen in kaart door culturele en gedragsmatige factoren en institutionele en economische structuren te identificeren. Zet deze op de betreffende plekken in het vraagstuk landschap. 
  5. Identificeer innovatieve initiatieven en projecten rondom het vraagstuk. Zet deze op de juiste plek in het vraagstuk landschap. 
  6. Trek lijnen tussen de innovatieve initiatieven en projecten, het systeem, en de lange termijn ontwikkelingen die met elkaar te maken hebben en geef hierbij aan wat het verband is (bijv. met tekst, een + of -, of door er een pijl van te maken).

Logo showing three teal stacked layers

Wat 

Een causale gelaagdheid analyse geeft de dieperliggende oorzaken, wereldbeelden en overtuigingen rondom het vraagstuk weer. 

Waarom 

Het in kaart brengen van de dieperliggende oorzaken, wereldbeelden en overtuigingen rondom het vraagstuk helpt om een diepgaander begrip te ontwikkelen van het vraagstuk. Je gaat begrijpen waar dingen vandaan komen, en dat er meer is dan op het eerste oog te zien is. 

Hoe 

  1. Bepaal van welk vraagstuk je een causale gelaagdheid analyse wilt doen. 
  2. Zet het ijsbergmodel van de causale gelaagdheid analyse uit op een whiteboard, flipover, muur of tafel, of gebruik het voorbeeldtemplate. 
  3. Identificeer de oppervlakkige, zichtbare gebeurtenissen en ontwikkelingen rondom het vraagstuk. Wat zie je van het vraagstuk? Welke symptomen heeft het? Plaats deze in het bovenste deel van het ijsbergmodel. 
  4. Inventariseer onderliggende aanleidingen en oorzaken van de oppervlakkige, zichtbare gebeurtenissen en ontwikkelingen rondom het vraagstuk. Zet deze net onder het oppervlak van het ijsbergmodel neer.
  5. Breng in kaart welke overtuigingen en wereldbeelden ten grondslag liggen aan de aanleidingen en oorzaken. Plaats deze een niveau dieper. 
  6. Identificeer de metaforen die gebruikt (kunnen) worden om het vraagstuk te beschrijven. Plaats deze onderaan de ijsberg. 
  7. Trek lijnen tussen de ‘symptomen’, oorzaken en aanleidingen, wereldbeelden en overtuigingen en metaforen die met elkaar te maken hebben en geef hierbij aan wat het verband is (bijv. met tekst, een + of -, of door er een pijl van te maken). 

Vergelijk @count opleiding

  • @title

    • Tijdsduur: @duration
Vergelijk opleidingen