Uitbehandelde kankerpatiënt heeft soms baat bij ongebruikelijk medicijn

Een kleine groep uitbehandelde kankerpatiënten is gebaat bij medicijnen die voor andere vormen van kanker zijn bedoeld.  Bij een op de twintig patiënten is zo'n ongebruikelijk medicijn effectief.  Dat blijkt uit Nederlands onderzoek dat maandag in vakblad Nature is gepubliceerd. Prof.dr. Carin Uyl-de Groot hierover in de Volkskrant:

 

Carin Uyl-de Groot, hoogleraar evaluatie van de gezondheidszorg bij ESHPM, spreekt van ‘een mooie nieuwe manier van onderzoek die snakt naar een vervolg’. De nieuwe medicijnen zijn vaak maar voor zeer kleine groepjes patiënten relevant, zegt ze, als ook andere landen onderzoek gaan doen en de resultaten worden gedeeld, worden de onderzoeksgroepen groter en kunnen oncologen en farmaceuten daar wereldwijd van leren.

De Nederlandse studie ontbeert een controlegroep, benadrukt Uyl-de Groot en daardoor blijft onduidelijk hoe lang patiënten zonder het medicijn hadden geleefd. ‘Maar het gaat om uitbehandelde patiënten, waarvoor niets meer mogelijk was. Dan is tien maanden extra toch winst.’ Dat een op de drie patiënten op de medicijnen reageert, is nog niet genoeg, zegt ze: de geneesmiddelen zijn immers ontworpen voor de dna-mutatie die de tumor laat groeien. ‘Kennelijk zijn ook andere kenmerken belangrijk om deze middelen te laten werken. Maar daar kom je pas achter als je er onderzoek naar doet.’ De effecten zullen ook groter zijn als patiënten de medicijnen in een eerder stadium van hun ziekte kunnen krijgen, vermoedt ze. ‘Nu gaat het om patiënten aan het einde van hun leven, die alle mogelijke behandelingen al hebben gehad. Het zou mooi zijn als ze er veel eerder van kunnen profiteren.’

Lees hier het volledige artikel.