‘Bombardeer marktwerking niet tot zondebok’

Tegenstanders van marktwerking grijpen de coronacrisis aan om de concurrentie helemaal overboord te zetten. Onverstandig, vindt hoogleraar Marco Varkevisser. ‘De knelpunten rond samenwerking zijn prima op te lossen binnen het huidige stelsel van marktwerking.’

Het opschorten van concurrentie tijdens de coronacrisis is een logische stap om de continuïteit van zorg te garanderen. Om de crisis te bestrijden moeten ziekenhuizen in overleg kunnen bepalen wie welke patiënten behandelt. Zorgverzekeraars en ziekenhuizen krijgen de ruimte voor gezamenlijke regelingen om de financiële lasten eerlijk te verdelen. Maar de oproep van de NVZ om de concurrentie nu ook al in 2021 op te schorten is prematuur, vindt Marco Varkevisser, hoogleraar marktordening in de gezondheidszorg aan de Erasmus Universiteit.

Concurrentie on hold

‘Het is niet te voorspellen hoe lang de coronacrisis in 2021 aanhoudt. Je kunt de concurrentie net als in 2020 tijdelijk aan de kant zetten. Het huidige zorgstelsel biedt hiervoor voldoende flexibiliteit. Zolang het nodig is gaan toezichthouders als de ACM en de NZa niet streng handhaven. Dat laten ze nu zien’, zegt Varkevisser. Hij wijst er overigens op dat de NZV iets meer dan een jaar geleden eenzelfde oproep deed als nu, maar toen om beter invulling te kunnen geven aan de Juiste Zorg op de Juiste Plek. ‘Kortom, het lijkt het erop dat de wens hier ook wel enigszins vader is van de gedachte.’

Marktwerking als zondebok

De onderlinge concurrentie tussen ziekenhuizen en zorgverzekeraars buitenspel zetten na de coronacrisis vindt Varkevisser onverstandig. Hij ziet in het publieke debat een lobby ontstaan die de bijzondere crisisomstandigheden aangrijpt om de marktwerking helemaal overboord te zetten. De huidige samenwerking gaat opeens zo veel verder dan wat voor de coronacrisis mogelijk leek, dat de wens ontstaat om concurrentie maar helemaal te vervangen door regionale samenwerking. ‘Marktwerking als zondebok aanwijzen, gaat de knelpunten in de zorg niet oplossen. Zorgen over de stijgende zorguitgaven, personeelstekorten en gevestigde belangen van zorginstellingen verdwijnen niet als je partijen regionaal met elkaar laat praten.’

Samenwerking met concurrentie

Varkevisser ziet samenwerking niet als een alternatief voor concurrentie. Hij pleit voor meer samenwerking daar waar noodzakelijk mét behoud van concurrentie daar waar mogelijk. De gebrekkige samenwerking in ons huidige stelsel heeft vooral te maken met verkeerde financiële prikkels in het zorgstelsel. ‘De problemen rond samenwerking kun je prima in het huidige stelsel oplossen. Het is daarom goed om te zien dat de NZa mogelijkheden onderzoekt voor nieuwe vormen van bekostiging die domeinoverstijgende samenwerking beloont.’

Dynamiek en innovatie

Behoud van voldoende marktwerking is volgens Varkevisser nodig voor dynamiek en vernieuwing in het stelsel. ‘Een gebrek aan concurrentie kan leiden tot onnodig hoge prijzen, onvoldoende aandacht voor kwaliteit, gebrekkige service en patiëntbejegening. Voor innovatieve toetreders werpt het loslaten van marktwerking onnodige belemmeringen op voor toetreding.’

Reservecapaciteit en piekbelasting

De coronacrisis toont wel aan dat het huidige zorgstelsel niet goed in staat is om piekbelastingen in een crisissituatie op te vangen. In de eerste golf was de capaciteit aan IC-bedden te klein. In de tweede golf vormen de klinische bedden het knelpunt. ‘Het stelsel van gereguleerde marktwerking leidt tot een zeer doelmatige en efficiënte inrichting van de ziekenhuiszorg. Er is nauwelijks reservecapaciteit om piekbelasting op te vangen. Lege bedden kosten immers geld.’

Uit publieke middelen

Het creëren van reservecapaciteit moet daarom uit publieke middelen komen. De overheid kan via een beschikbaarheidsbijdrage ziekenhuizen aanwijzen die zorg moeten dragen voor de beschikbaarheid van extra IC-bedden of klinische bedden bij een volgende pandemie. Dat geldt ook het aanleggen van ijzeren voorraden voor medicijnen en persoonlijke beschermingsmiddelen. ‘Binnen het stelsel zijn deze problemen met de juiste regie prima op te vangen. Daarvoor is het niet nodig om de bijl aan de wortel van het zorgstelsel te leggen.’

Dit artikel verscheen op woensdag 6 november op Zorgvisie.nl en is geschreven door Bart Kiers.

 

Professor