Spotlight Interview | Mr. Amber Zwanenburg

Ik ben een groot voorstander van de Rotterdamse mentaliteit
Mr. Amber Zwanenburg
Wetenschappelijk docent

‘Als scholier leek Rechten leek me destijds een hele interessante studie. Het spreekt tot de verbeelding, iedereen heeft er mee te maken en er is veel ruimte voor discussie. Ik heb hier in Rotterdam mijn bachelor Rechtsgeleerdheid gevolgd en daarna de master Privaatrecht gehaald. In 2015 heb ik nog een half jaar Amerikaans (arbeids-)recht aan Hofstra University in New York gestudeerd.’

‘Voor aanvang van mijn studie leek het me wel wat om advocaat te worden. Je helemaal vastbijten in een standpunt en anderen overtuigen van 'jouw' gelijk. Pas tijdens mijn studie kwam ik er achter, net als vele anderen, dat je met rechten veel meer kan worden dan advocaat. Uiteindelijk heb ik dus voor een andere richting gekozen. Al tijdens mijn studie aan Erasmus School of Law was ik werkzaam als student-assistent voor de sectie Arbeidsrecht en na mijn tijd in het buitenland kon ik hier terugkomen als wetenschappelijk docent.’  

Poolse vrachtwagenchauffeurs

‘De sectie Arbeidsrecht heeft voor een Erasmus+ project, SENSE genaamd, een Europese subsidie in de wacht weten te slepen. In samenwerking met universiteiten uit België, Luxemburg en Polen zal de komende jaren een onderwijsprogramma ontwikkeld worden, dat ingaat op het spanningsveld binnen de internationale transportsector tussen EU-vrijheden enerzijds en nationale sociaalrechtelijke stelsels anderzijds. Denk hierbij bijvoorbeeld aan Poolse vrachtwagenchauffeurs die weken van huis zijn, in hun vrachtwagens slapen en daarvoor naar Nederlandse maatstaven maar weinig betaald krijgen. Hoe werkt dat arbeidsrechtelijk gezien onder het huidige Europese recht? En nog interessanter: hoe zou dat eigenlijk móéten werken?’

‘Er zitten heel veel kanten aan dit verhaal en vooral in de transportsector zijn aardig wat problemen. Deze problemen willen we met SENSE vanuit verschillende (internationale) hoeken belichten. Uiteindelijk streven we ernaar dat hier een onderwijsprogramma voor studenten uit verschillende landen uit voort komt. Zij kunnen dan met elkaar het gesprek aangaan en samen nadenken over oplossingen voor deze grensoverschrijdende problemen. Ik vind bovengenoemd spanningsveld zelf heel interessant en zou dit dan ook graag onderwerp van een promotieonderzoek willen laten zijn.’

‘Behalve mijn werkzaamheden voor SENSE, maak ik deel uit van de redactie van het tijdschrift European Employment Law Cases (EELC). EELC werkt met arbeidsrechtdeskundigen, zogenoemde National Correspondents, uit verschillende lidstaten van de Europese Unie. Zij rapporteren aan EELC over de ontwikkelingen in hun nationale rechtspraak die een gemeenschappelijke Europese dimensie hebben (bijvoorbeeld nationale rechtspraak over een geïmplementeerde richtlijn). Vervolgens reageren de correspondenten weer op elkaars inzendingen. Op deze manier hebben we zicht op de wijze waarop het Europese arbeidsrecht doorwerkt in andere lidstaten. EELC is op dit moment nog een papieren tijdschrift, maar we werken hard aan een online-database. Hier kunnen alle uitspraken van nationale lidstaten, maar ook de uitspraken van het Europese Hof van Justitie en het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, in worden opgenomen. Via deze database kan er binnenkort worden gezocht op specifieke onderwerpen waarbij uitspraken van verschillende (nationale en Europese) rechtsprekende instanties kunnen worden gevonden.’

Het delen van expertise

‘Ik ben van mening dat wetenschappers hun expertise met beleidsmakers, de media en de samenleving moeten delen. Zo ziet de samenleving ook dat wetenschappers relevant werk verrichten. Daarnaast is het mooi om te zien dat wetenschappers hun mening delen in de media en van gedachten wisselen met beleidsmakers. Op die manier geeft de wetenschap direct iets terug aan de samenleving.’

‘Overigens vind ik dat wetenschappelijk onderzoek dat in eerste instantie niet direct interessant lijkt voor niet-juristen tóch verricht moet worden. Ik ben van mening dat ‘minder populair’ onderzoek ook heel waardevol kan zijn, ook al sorteert dit in sommige gevallen pas op langere termijn effect. We zijn met SENSE tot nu toe nog niet in de media getreden, maar dit kan in de toekomst zeker nog komen. We zitten nu immers nog in de beginfase. Uiteindelijk zullen we dit zeker doen. De eindverslagen zullen we publiceren. Daarnaast betrekken we zowel beleidsmakers als sociale partners in het onderzoek dat we verrichten. Hun input is waardevol voor ons en zorgt ook voor een breder draagvlak. Tot slot zijn we voor SENSE een App aan het ontwikkelen voor vrachtwagenchauffeurs. Op deze manier kan in de praktijk gebruik gemaakt worden van onze kennis.’

Een vak apart

‘Het arbeidsrecht is naar mijn mening een fascinerend vakgebied, waar wel een aantal misvattingen over bestaat. Zo denkt men wel eens dat het een klein vakgebied is dat op één hoop kan worden gegooid met het algemeen privaatrecht. Iets wat je ‘er wel even bij kunt doen’. Dat is niet zo. Het arbeidsrecht is een vak apart en kent vele facetten en specialisaties. Ik kom steeds nieuwe vraagstukken en problemen tegen en het arbeidsrecht is altijd in beweging. Het vormt steeds weer onderwerp van het politiek debat en er zullen altijd nieuwe uitdagingen voorbij blijven komen. Daarnaast is het arbeidsrecht ook heel breed en ik heb dan ook allesbehalve het idee dat ik het hele arbeidsrecht al helemaal in de vingers heb. Met dit rechtsgebied raak je nooit uitgeleerd.’

Handen uit de mouwen

‘Het eerste wat bij mij opkomt als ik aan onze faculteit denk, is onze slogan ‘Where law meets Business’. Dit beschrijft Erasmus School of Law prima. Het is goed dat het economisch aspect binnen onze faculteit steeds terugkomt. Ik vind het dan ook logisch dat wij binnen onze juridische faculteit een sectie hebben die is toegespitst op het handelsrecht. Binnen onze eigen sectie hebben we mensen die gespecialiseerd zijn in maritiem arbeidsrecht. Dit past bij Rotterdam als havenstad. Dit vind ik kenmerkend voor onze faculteit: de koppeling met de praktijk en de stad. Daarnaast ben ik ook groot voorstander van de Rotterdamse mentaliteit. Men is hier niet zo bezig met prestige. In Rotterdam moet iedereen vooral normaal doen. De handen uit de mouwen steken. Ik ben trots om voor deze faculteit te werken.’

Personalia

Naam: Amber Zwanenburg
Functie: Wetenschappelijk docent
Proefschrift: in voorbereidingsfase
Expertise: Europees en internationaal arbeidsrecht
Huidig onderzoek: Europees en internationaal arbeidsrecht