Behoeftes om barrières te beslechten bij aanpak van drugscriminaliteit in de Rotterdamse haven

Het Centre for Information & Research on Organised Crime (CIROC) organiseerde op donderdag 12 september 2019 een studiedag met praktijkdeskundigen, academici en andere genodigden. Het was een leerzame dynamische dag waarin de onderzoeken naar, en de aanpak van, drugscriminaliteit een grote rol speelden.

Tijdens verschillende sessies waren er discussies tussen sprekers, panelleden en het publiek over de gezamenlijke aanpak van drugscriminaliteit in de haven van Rotterdam. De studiedag gaf een mooi inzicht in de behoefte om barrières te beslechten en elkaars belangen beter te begrijpen.

Prof. mr. dr. Suzan Stoter van Erasmus School of Law moedigde iedereen tijdens de aftrap aan om door samenwerking tussen wetenschappers en experts uit het veld te komen tot integrale, strategische oplossingen. Prof. Stoter benadrukte dat de academie alleen bestaansrecht heeft als zij zich voedt met kennis uit het veld zoals gebeurde met het onderzoek Drugscriminaliteit in de Rotterdamse haven, dat de aanleiding was voor dit seminar.

In een eerste presentatie bracht prof. Cyrille Fijnaut een vurige uiteenzetting van de ontwikkelingen in de opsporing en de verschillende onderzoeken naar drugscriminaliteit en de haven over de afgelopen 30 jaar. Daarna presenteerden twee van de vijf onderzoekers van het EUR rapport, Robby Roks en Lieselot Bisschop, de meest opvallende conclusies van het onderzoek en lieten zij een panel van vertegenwoordigers van opsporingsdiensten en het Havenbedrijf Rotterdam, reflecteren over de impact van het onderzoek in de praktijk. Hierbij werden niet alleen lovende worden gesproken over de handvatten die het onderzoek in de praktijk biedt, maar werden ook zaken besproken die nog niet benoemd zijn in het rapport en waar nog behoefte aan is.

Na de lunch volgden twee presentaties van opsporingsdiensten uit Rotterdam en Antwerpen, over de aanpak van drugscriminaliteit in de verschillende havens. De sprekers reageerden op elkaars aanpak en ook het publiek kreeg de gelegenheid om vragen te stellen over de nationale en internationale aanpak en samenwerking.

In de laatste sessie van de middag kwam de publiek/private samenwerking aan bod. Aan de hand van stellingen reflecteerden de panelleden uitermate kritisch en constructief over hun eigen handelen en de onderlinge samenwerking tussen partijen. Zij keken daarbij vooral vooruit om in de toekomst boven casuïstiek uit te stijgen en barrières neer te halen bij de gezamenlijke aanpak. Uiteindelijk waren alle partijen het eens: met kleine stapjes kom je ook een heel eind.

Het was waardevolle dag waarbij naast alle interessante sessies, discussies en uitwisselingen van perspectieven, er ook gelegenheid was voor netwerken en bijpraten.