AI in de rechtspraktijk: is het echt sneller en beter?

AI is overal. Van sociale media algoritmes en slimme thermostaten tot tekstverwerking. Vrijwel iedereen gebruikt het in meer of mindere mate en het helpt ons om sneller en efficiënter te werken. Tenminste dat is onze opvatting over het gebruik van AI, maar klopt deze opvatting wel? En hoe zit dat voor juristen? Dat is precies wat Cees Zweistra, universitair docent recht, ethiek en technologie, en Julie Hoppenbrouwer, promovenda disruptieve technologieën in de juridische praktijk, onderzochten voor hun nieuwe boek Sneller & Beter? Het vraagstuk van technologie en AI in de rechtspraktijk. In dit artikel vertellen zij meer over de impact van AI op de rechtspraktijk en waarom juristen kritisch zouden moeten kijken naar de inzet van AI. 

“Uit voorlopig, nog niet gepubliceerd onderzoek dat het Center for Law, AI & Design in 2025 heeft uitgevoerd, blijkt dat het grootste deel van de ondervraagde juristen (> 90%) gebruikmaakt van (juridische) generatieve AI-systemen zoals CoPilot, Harvey en CoCounsel. Deze tools worden gebruikt voor taken als het structuren van ideeën, het genereren van samenvattingen, vertalingen en document-verbeteringen” vertellen Zweistra en Hoppenbrouwers. 

“Het gebruik van generatieve AI, specifiek large language models (LLMs) voor kennisproductie lijkt steeds dominanter te worden in de rechtspraktijk. Zulke modellen maken het mogelijk om de interpretatie van het recht ‘uit te besteden’. Dit kan op termijn significante implicaties hebben voor de rechtspraktijk”, vertelt Hoppenbrouwers. Zweistra benadrukt de mogelijke gevolgen van deze ontwikkeling: “Aanbieders van juridische AI-systemen zullen een meer dominante positie krijgen binnen het recht, de rechtspraktijk en zelfs impact hebben op de vorming van het recht. Dat roept vragen op over de toekomstige onafhankelijkheid van actoren in de rechtspraktijk en hoe de rechtspraktijk kan waarborgen dat de belangen van de AI-aanbieders en nieuwe AI-tools in lijn zijn met de belangen van de rechtspraktijk. Onafhankelijkheid is immers een cruciale pijler van de rechtspraktijk en die staat onder druk”.

Lost AI problemen op of zorgt het in de (rechts)praktijk ook voor nieuwe problemen?

“Wij zien dat er in de rechtspraktijk gezocht wordt naar mogelijke toepassingen van AI, in plaats van naar mogelijke problemen waarvoor AI een oplossing zou kunnen bieden. Dit moet worden omgedraaid: het probleem moet centraal worden gesteld waarna een geschikte oplossing gezocht moet worden”, aldus Hoppenbrouwers. AI wordt gezien als een middel om juristen productiever te maken. “Maar als je kijkt naar onze geschiedenis met IT-toepassingen zoals e-discovery (een tool voor het doorzoeken van digitale documenten voor bewijsmateriaal in strafprocedures) blijkt dat we hier helemaal niet productiever van zijn geworden. Het feit dat AI het makkelijker maakt om stukken op te stellen kan er juist voor zorgen dat er soms meer stukken worden opgesteld dan nodig, wat het systeem juist meer belast,” aldus Hoppenbrouwers. Ook waarschuwen Zweistra en Hoppenbrouwers voor het risico om te belanden in een vicieuze AI-cirkel: “Als AI wordt ingezet voor taken die juristen goed beheersen, dan worden hun vaardigheden op termijn minder en ontstaat er een situatie waar het gebruik van AI ertoe leidt dat juristen juist meer gaan leunen op AI”.

AI wordt daarnaast gezien als een belangrijke kans om de toegang tot het recht te vergroten. “Wij zien die mogelijkheid wel, maar zijn ook voorzichtig. Door de toename van kansloze bezwaarschriften, vervalsingen van bewijs en nepaangiftes, waar onze contacten binnen politie en rechtspraak zich grote zorgen over maken, wordt het systeem juist extra belast” vertelt Zweistra. “Wel zien we mogelijkheden voor AI in het eerlijker en betrouwbaarder maken van bijvoorbeeld juridische vonnissen en op deze manier zou rechtszekerheid en rechtsgelijkheid kunnen worden verbeterd.”

Waarom moeten juristen juist nu kritisch kijken naar de inzet van AI?

Zweistra en Hoppenbrouwers benadrukken drie redenen: “Mensen zijn bang om de boot te missen. Vanuit de industrie en aanbieders van legal AI wordt deze angst steeds meer opgedreven. Wij zien het risico dat de rechtspraktijk zich hierdoor gedwongen voelt in de AI-race te stappen zonder reflectie op de essentiële vraag: welke problemen heb ik en kan AI die problemen wel oplossen?” Ook leidt de introductie van AI tot nieuwe vormen van afhankelijkheid die volgens Zweistra en Hoppenbrouwers slecht rijmen met de kernwaarden van onafhankelijkheid en integriteit van de rechtspraktijk. “Daarnaast is AI een grote aanjager van de consumptie van water, elektriciteit en schaarse grondstoffen. Bovendien is AI vaak getraind met auteursrechtelijk materiaal zonder dat de vereiste toestemmingen worden verkregen. Het huidige gebruik van AI verdraagt zich daarmee slecht met de kernwaarde integriteit en de maatschappelijke positie van juristen,” aldus Hoppenbrouwers. 

Is sneller echt beter in de rechtspraktijk? 

“Sneller kan beter zijn als het er bijvoorbeeld toe leidt dat er meer zaken worden afgehandeld, wat de toegang tot het recht over het geheel zou kunnen verbeteren. Tegelijkertijd is het zo dat snelheid niet een van de acute problemen is binnen de rechtspraktijk. Een zorgvuldige, eerlijke behandeling van zaken is een meer urgente kwestie waarbij het de vraag is of AI daaraan bijdraagt,” aldus Zweistra en Hoppenbrouwers. “De inzet van een LLM om de motivering bij een rechterlijk oordeel te schrijven om het proces te versnellen beneemt de rechter de tijd die nodig is om te reflecteren op het eigen oordeel. Rechtstoegang heeft niet alleen betrekking op de hoeveelheid zaken die afgehandeld worden. Het probleem ligt ook in rechtsvervreemding, in gevoelens van machteloosheid, ook wanneer de rechtszaal bereikt is, in het niet gezien of gehoord worden. Tijd voor dialoog en kritische reflectie is essentieel in de rechtspraktijk”, aldus Hoppenbrouwers.

Wanneer juristen AI willen inzetten stellen Zweistra en Hoppenbrouwers voor dat zij inspiratie putten uit een design-benadering. “Die benadering stelt de analyse van het probleem voorop en kan daarmee helpen te voorkomen dat juristen opgescheept komen te zetten met AI die ze niet nodig hebben en/of niet werkt. Om die aanpak heel concreet te maken zouden juristen een checklist kunnen doorlopen”:

  1. Welk probleem lost het op en is AI het geschikte middel om dat specifieke probleem op te lossen?
  2. Is het probleem helder en welomschreven en kan het aan een specifiek iemand worden toegeschreven?
  3. Welke kans kan de inzet van AI verzilveren en waarom is AI het geschikte middel om die kans te verzilveren?
  4. Op welke manier bereik ik een lange termijn effectieve inzet van AI?
  5. In hoeverre verandert de introductie van de AI interne en externe relaties van de organisatie die onwenselijk zijn?
  6. In hoeverre is het mogelijk AI te ontwikkelen die passend is bij de specifieke wensen, omstandigheden en stakeholders binnen de organisatie? 

Zouden juristen op de AI-trein moeten springen?

“Wij zijn van mening dat juristen AI niet hoeven te omarmen, alleen als het een duidelijke meerwaarde heeft. Tegelijk zien we ook dat er een marktrealiteit is waarbij achterlopen eigenlijk niet mogelijk is. Dat is meteen het grootste risico: dat de rechtspraktijk iets zal omarmen wat het niet echt nodig heeft, maar dat in de slipstream wel allerlei nieuwe problemen en onafhankelijkheden worden geïntroduceerd,” zo stellen Zweistra en Hoppenbrouwers. 

Hoewel er dus mogelijk voordelen te behalen zijn door de inzet van AI in de rechtspraktijk moet dat volgens Zweistra en Hoppenbrouwers zorgvuldig gebeuren en vooral goed aansluiten bij de problemen waar juristen in praktijk tegenaan lopen. “Wees niet bang om tegen de stroom in te roeien. Het is cruciaal om goed over AI na te denken, over wat het doet en hoe je het kunt gebruiken, maar doe dat uitsluitend vanuit een specifieke vraag, een probleem dat voorafgaat aan de AI-oplossing. Anders zit je zo met een oplossing voor een probleem dat niet bestaat.”

Vergelijk @count opleiding

  • @title

    • Tijdsduur: @duration
Vergelijk opleidingen