Alumni in the spotlight | Drs. Saskia J. Stuiveling

De combinatie van theorie en praktijk maakt je waardevol.
Drs. Saskia J. Stuiveling
Voormalig President Algemene Rekenkamer

Saskia J. Stuiveling (1945) is president van de Algemene Rekenkamer. Na haar afstuderen heeft ze even een eigen advies- en organisatiebureau gehad, waarna ze organisatie adviseur van de gemeentes werd. Vervolgens werd ze  in 1975 beleidsmedewerker van  burgemeester Van der Louw van Rotterdam en in 1981 was ze kort staatssecretaris in het kabinet Van Agt II. Ze werd daarna coördinator van de parlementaire enquête naar het scheepsbouwbedrijf Rijn-Schelde-Verolme (RSV), de eerste na-oorlogse parlementaire enquête gericht op waarheidsvinding. Na dit coördinatorschap werd ze in 1984 lid van de Algemene Rekenkamer. In 1999 werd ze president van dit Hoge College van Staat en dat is ze tot mei 2015 nog geweest. Stuiveling studeerde bedrijfskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR), maar ze begon in 1964 met de studie rechten aan wat toen nog de Nederlandse Economische Hoogeschool (NEH) was.

Geen mr.

Aan het begin van het interview drukt Stuiveling meteen op het hart dat ze technisch gezien de rechtenstudie niet helemaal afgerond heeft. “Ik heb alleen de scriptie niet gedaan, maar ik heb nog altijd de ambitie om de studie helemaal af te ronden.” Eerder was er ook in het contact met een medewerker van Stuiveling verwarring ontstaan: ‘Volgens mij heeft Stuiveling bedrijfskunde gestudeerd.’ En dat terwijl Stuiveling ooit voor rechten naar Rotterdam is gekomen. Hoog tijd om weer contact op te nemen dus. Hoewel geboren in Het Gooi, zijn de banden met Rotterdam sterk aanwezig. “Mijn moeder is Rotterdamse en mijn grootouders woonden er. Grootvader was rechter in Rotterdam.

Tijdens de oorlog was hij eigenlijk de president van de rechtbank –zo werd hij zelfs in de wandelgangen genoemd- maar formeel hadden de Duitsers een NSB’er tot president benoemd. Grootvader was een belangrijke man in mijn leven, zeker toen mijn grootouders later naar Hilversum verhuisden. Ik lunchte in die tijd zeker tweemaal per week daar, want zij woonden het dichtst bij mijn middelbare school. Toen ik hoorde dat het mogelijk was om rechten in Rotterdam te studeren voelde het voor mij meer dan logisch dat te gaan doen.”

Pionieren

Stuiveling behoort tot de eerste generatie rechtenstudenten uit Rotterdam, daar de opleiding pas een jaar eerder (in 1963) begonnen was. “Ik werd lid van de RVSV, want alle meisjes werden daar lid van en ik ging wonen in de (eerste!!) meisjesunit aan het Haringvliet. Wat ook bijzonder was is dat we in die tijd pas toegelaten werden tot de studie na een gesprek met een aantal hoogleraren. Dat kun je je nu niet meer voorstellen.” De studie is uitstekend bevallen. “We waren een echt pioniersploegje. We speelden een rechtbank na, bezochten gevangenissen, deden al die dingen die studeren leuk maken. Rotterdam was toen erg organisatiegericht en niet per se alleen gericht op het juridische. Het accent lag op de praktijk en we werden als juristen vooral opgeleid voor het bedrijfsleven en pas later ook voor de strafrechtketen.” Eind jaren ’60 ging Stuiveling aan de slag als assistent bij prof. Langman. Die was ook rector van de stichting Bedrijfskunde die  een postdoc opleiding verzorgde. Binnen de stichting was een groeiende behoefte aan een basisopleiding bedrijfskunde, dus die werd opgezet. Stuiveling werd ingezet als secretaris van de bouwgroep van de nieuwe studie. Tijdens haar werkzaamheden raakte ze zo geïnspireerd dat ze besloot de studie zelf te gaan volgen.

Privaat – Publiek 

Stuiveling was de enige vrouw in de eerste groep studenten van dertig. “Eén van de twee á drie die wisten niet het bedrijfsleven in te willen. Ik ben de studie gaan doen met het idee dat de publieke sector veel kan leren van de private sector.” Vanuit die gedachte startte ze na haar afstuderen ook haar eigen onderneming. “Ik was ongeveer de enige organisatieadviseur in Nederland die de publieke sector vanuit een marktbenadering bekeek. Voor het eerst kwamen de mensen in die sector in aanraking met iets als een business plan en het idee dat je vooruit kan denken en jezelf doelen kan stellen. Ik kreeg zoveel complimenten dat ik dacht: dit is niet goed voor me, hier moet ik snel als solo weer mee ophouden. Toen ben ik om het handwerk te leren in dienst gegaan van een organisatieadvies bureau gespecialiseerd op de lagere overheden.” Na een aantal functies te hebben bekleed in de publieke sector (zie hiervoor) is Stuiveling maar liefst zestien jaar President van de Algemene Rekenkamer geweest. Wat is haar geheim? “In de functie die ik als laatste had is elke dag anders. Het is denk ik het beste te vergelijken met hoofdredacteur van een krant, iedere dag is er iets nieuws en daar moet je wat mee. Ik heb het in deze functie goed naar mijn zin gehad. De context verandert snel, we zijn hard bezig daar op in te springen en dat begint zich aardig te ontwikkelen. Ik blijf van mening dat er in de publieke sector veel te leren valt van de private sector. Ik heb altijd gezegd dat de samenleving, als “aandeelhouder” van de publieke zaak een minstens zo goede behandeling verdienen als aandeelhouders van een private organisatie.”

Opgestroopte mouwen

Stuiveling ziet de EUR als de “universiteit van de opgestroopte mouwen. Je leert er met de praktijk om te gaan.” Aan studenten geeft Stuiveling mee “dat je altijd hard moet werken, kom daarbij ook achter je bureau vandaan. Voel je vooral niet beter dan mensen die werken met de handen. Je kunt alleen maar het werk doen dat je doet bij de gratie dat andere mensen met hun handen werken. Zoek tot slot altijd een mooie balans tussen theorie en praktijk. Die combinatie maakt je waardevol.” ESL-alumna Saskia J. Stuiveling is op donderdag 20 april 2017 overleden. Zij was 71 jaar oud.

Publicatiedatum: 8 juli 2014
Aangepast: 14 december 2015