Alumni in the Spotlight | Mr. drs. Paul Tjiam

De typisch Rotterdamse 'no-nonsense' mentaliteit wordt in de praktijk zeer gewaardeerd.
Mr. drs. Paul Tjiam
Advocaat De Brauw Blackstone Westbroek

Paul Tjiam (1981) is sinds zijn afstuderen in 2009 advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam, waar ESL alumnus Martijn Snoep managing partner is. Hij heeft zich gespecialiseerd in intellectueel eigendom en media recht. Tjiam studeerde in twee opleidingen aan Erasmus School of Law (ESL) af: rechtsgeleerdheid (master ondernemingsrecht) en criminologie. Samen met Karin de Jong en Edwin de Wit richtte hij de studievereniging Criminologie In Actie (CIA) op. Daarnaast was hij twee jaar studentbestuurslid aan de faculteit, een functie die Steven Hijink en Martijn Roos ook hebben bekleed. In rechtsgeleerdheid studeerde hij cum laude af. Alsof dat nog niet genoeg was volgde hij ook de studie algemene cultuurwetenschappen aan de Erasmus Universiteit. Ook deze studie rondde hij cum laude af.

AMFI

Paul Tjiam was niet altijd een cum laude student. Sterker, toen hij zijn gymnasium afrondde aan het Stanislas College in Delft had hij één zeven op zijn lijst en dat was meteen zijn hoogste cijfer. Na zijn afstuderen wilde Tjiam dan ook niet per se aan de universiteit studeren. “Doordat ik uit Delft kom associeerde ik studeren vooral met TU-studenten. Destijds was dat niet direct mijn ideaalbeeld. Daardoor had ik – ten onrechte blijkt achteraf – weinig op met de universiteit.” Tjiam probeerde het leger in te komen, maar kwam niet door de tests heen. Vervolgens koos hij om aan het Amsterdam Fashion Institute (AMFI) te studeren, omdat hij al van jongs af aan geïnteresseerd is in mode en kleding. Tjiam was niet helemaal op zijn plek aan het AMFI.

“Ik merkte al snel dat ik theoretisch beter ben dan met mijn handen. Ik heb altijd de drang gehad om de beste te zijn, dat lukte daar niet. Daarbij zei een docent al na één maand tegen mij dat ik naar de universiteit moest.” Toch behaalde Tjiam eerst zijn propedeuse alvorens hij de studie vaarwel zei. Vervolgens ging Tjiam acht maanden in een weeshuis in Indonesië in de buurt van zijn familie werken om “wat tijd voor reflectie” te hebben. “Dat was vrij heftig. Je moest je wassen vanuit een emmer, ik leerde Indonesisch spreken en drie keer per dag rijst te eten. Het was wel een mooie en bijzondere tijd.”

Indonesië 

Tijdens zijn tijd in het weeshuis had Tjiam al besloten dat hij bij terugkomst in Nederland naar de universiteit wilde, maar wist nog niet welke studie. Zijn moeder stuurde hem geregeld studiekeuzegidsen toe. In één van die gidsen stond de studie criminologie aan de Erasmus Universiteit. “Het eerste jaar van die studie kon je kiezen voor een jaar sociologie. Ik was toen een veel grotere wereldverbeteraar dan nu en was daarom geïnteresseerd in de maatschappij. Waarom werken bepaalde aanpakken in bepaalde wijken wel en in andere niet? Vandaar dat ik via een jaar sociologie voor criminologie koos.” Eerder had Tjiam al een jaar in Amsterdam gestudeerd, waarom koos hij er dan voor om criminologie in Rotterdam te studeren? “Criminologie was een vrij nieuwe studie en werd in de folder als ‘uniek’ omschreven. Ik had daarom het idee dat je die studie alleen in Rotterdam kon doen. Tijdens de Eurekaweek leerde ik Rotterdam kennen en dat vond ik in eerste instantie niks. Ik kraakte de stad dan ook alleen maar af. Toen kreeg ik van een van mijn nieuwe medestudenten de vraag waarom ik de studie dan niet in Amsterdam ging doen. Op dat moment kwam ik erachter dat die mogelijkheid er blijkbaar was. Doordat ik me al ingeschreven had in Rotterdam en daar ook een kamer had, besloot ik te blijven. Daar heb ik achteraf geen moment spijt van gehad.”

Pragmatisch en ambitieus

Via criminologie kwam Tjiam in aanraking met rechtsgeleerdheid. “Materieel strafrecht was daarin het keerpunt, dat vond ik echt leuk. Ik dacht in die tijd –ook omdat ik al wat ouder was misschien– al wat pragmatischer. Ik wilde naast mijn studies criminologie en algemene cultuurwetenschappen mijn baankansen vergroten en daarom koos ik voor rechtsgeleerdheid. Dat bleek een schot in de roos. Professoren als Loth (inleiding tot de rechtswetenschap), Winkel (rechtsgeschiedenis), Nuytinck (privaatrecht) en Van Mierlo (burgerlijk procesrecht) raakten mij echt. Hun colleges waren eigenlijk anderhalf uur durend gratis entertainment.” Het was Van Mierlo (tevens advocaat en partner bij NautaDutilh) die Tjiam het duwtje naar de advocatuur gaf. “Ik deed in die tijd veel business courses en kwam toen ineens in aanraking met studenten die net zo ambitieus zijn als ik ben. Ook was ik onder de indruk van de uitstraling van de Zuidas. Ik besloot toen advocaat te willen worden bij een groot kantoor vanwege de kwaliteit en het hoge ambitieniveau. Ook hier kwam weer die drang om de beste te zijn dus boven.” Uiteindelijk solliciteerde Tjiam bij De Brauw, waar hij werd aangenomen. Dat bevalt heel goed. “Dit is een fantastische werkplek. De mensen hier zijn enorm slim en ambitieus. Wat ons bindt is een enorme liefde voor het recht. Daarnaast werken er bij het kantoor veel hoogleraren en advocaten die de absolute autoriteit zijn op hun vakgebied. Zij schrijven de handboeken voor studenten en de praktijk en zijn  vaste redacteur van Tekst & Commentaar. Dat zijn dus de mensen die het recht écht kneden. Het is voor iedere jurist genieten om met die mensen te mogen werken.”

No-nonsense

Aan studenten wil Tjiam meegeven dat je echt heel veel profijt kunt hebben van het doen van meerdere studies. “Het maakt je bewuster en er vindt kruisbestuiving tussen de studies plaats. Je blik wordt verbreed. Niet alleen academisch, maar je leert ook beter wat je wilt in het leven. Het komt dus je persoonlijkheid en je kennis ten goede. Je ontwikkelt een visie op de wereld en je groeit als mens. Daarnaast bevordert het natuurlijk ook je kansen op de arbeidsmarkt.” Tot slot wil Tjiam graag nog opmerken dat hij “erg positief” is over de faculteit en over de Rotterdamse studenten die via kantoorbezoeken langskomen bij De Brauw. “Rotterdamse studenten staan er ook goed op in de praktijk. Ik heb nog nooit iemand zich negatief horen uitlaten over studenten van Erasmus School of Law. Sterker, de typisch Rotterdamse ‘no-nonsense’ mentaliteit die de studenten uit Rotterdam meekrijgen wordt zeer gewaardeerd.”

Publicatiedatum: 20 juni 2014