Alumni in the Spotlight | Prof. mr. Han Wansink

De wijze waarop de stof tegenwoordig behandeld wordt is veel leuker dan in mijn tijd.
Prof. mr. Han Wansink
Emeritus hoogleraar Verzekeringsrecht

Professor Han Wansink (1946) is emeritus hoogleraar Verzekeringsrecht. Op een uitstapje van een paar jaar bij een verzekeringsmaatschappij in Amsterdam en een half jaar bij een verzekeringsmaatschappij en een advocatenkantoor in New York na is professor Wansink zijn hele werkzame carrière in dienst van Erasmus School of Law (ESL) geweest. Ook zijn studie heeft hij in Rotterdam genoten. Daarnaast werd hij in 2003 voor één dag in de week hoogleraar Verzekeringsrecht aan de Universiteit Leiden naast zijn aanstelling bij ESL. Die functies heeft hij tot aan zijn emeritaat in 2011 gecombineerd. Hij werd opgevolgd door professor Mop van Tiggele.

Geen modelstudent

Professor Wansink is één van de eerste studenten aan ESL. De faculteit werd in 1963 opgericht, Wansink begon in 1964 met studeren. Hij koos voor Rotterdam omdat zijn vader voor de oorlog hier ook gestudeerd had. “Daarnaast stond de rechtenstudie in die tijd bekend om de praktische inslag en de combinatie met economie die daar gemaakt werd. Ik heb veel andere dingen gedaan dan studeren, nauwelijks college gevolgd, maar een prachtige tijd gehad. In die zin was ik misschien niet de modelstudent van nu.” Naast zijn studie is Wansink ook een jaar lid van de Senaat van het Rotterdams Studenten Corps geweest. Toen Wansink van dat jaar terug kwam was Wansink de universiteit letterlijk en figuurlijk ‘kwijt.’ “Tijdens mijn senaatsjaar verhuisde de universiteit van de Pieter de Hoochweg naar zijn huidige locatie op campus Woudestein. Dat is min of meer langs mij heen gegaan.” Vervolgens deed Wansink (weliswaar zonder begeleiding) een jaar over zijn scriptie om vervolgens af te studeren. “En dan wordt academisch schrijven later je beroep!”

Verzekeringsmaatschappij 

Na zijn afstuderen ging Wansink in dienst en werd officier juridische zaken bij de luchtmacht in Duitsland . Toen de dienstplicht erop zat ging Wansink werken als rechterhand van de directiesecretaris bij een verzekeringsmaatschappij in Amsterdam. “Ik had het idee dat ik wel meester in de rechten was, maar dat ik nooit meer iets met het vak zou doen. In die functie was ik echter nog best juridisch bezig en dat bleek ik erg leuk te vinden.” Om die reden solliciteerde Wansink op een vacature voor wetenschappelijk medewerker op het gebied van het verzekeringsrecht aan ESL, waar net de bijzondere leerstoel Verzekeringsrecht was gevestigd en daar werd hij aangenomen. “Toen ik daar was aangenomen ging het werkelijk als een tierelier. Op een gegeven moment werd mij echter gezegd dat als ik hoogleraar wilde worden, ik wel moest promoveren.” Wansink had het idee om een proefschrift te schrijven over consumentenbescherming in Amerika. Om die reden ging hij een half jaar op uitwisseling naar New York. “Daar schreef ik een mooi artikel over consumentenbescherming, maar ik zag het uiteindelijk niet zitten om daarop te promoveren. Ik heb daar eigenlijk niks meer mee gedaan.”

Cum laude

Wansink promoveerde een aantal jaren later in 1987 op de juridische aspecten van  de aansprakelijkheidsverzekering bij Prof. Clausing met Prof. Slagter als co-promoter. Dat deed hij cum laude. “Dat verbaasde mijn vrienden wel, want ik was een zesjes en zeventjes student en had tot dan  toe alleen een 8 voor vervoersrecht gehaald bij Prof. Schadee, een buitengewoon inspirerende man. Mijn boek wordt nog altijd veel gelezen en gebruikt in de rechtspraktijk en “gaat richting een vierde druk.” Twee jaar na zijn promotie werd Wansink in 1989 bijzonder hoogleraar Verzekeringsrecht  en dat is hij gebleven tot aan zijn emeritaat. Hij heeft verder veel nevenfuncties (gehad), waaronder raadsheer plaatsvervanger bij het Hof Den Haag en lid van de Tuchtraad Assurantiën. Wansink heeft het idee “dat de wijze waarop de stof tegenwoordig behandeld wordt veel leuker is dan in mijn tijd. Veel interactie, veel zelf aan de slag. Vroeger was het in de juristerij belangrijk veel te weten en veel kennis hebben. Tegenwoordig staat dat allemaal in makkelijk toegankelijke  databanken en moet je dus vooral creatief zijn om je te onderscheiden. Analytisch denken, verbanden leggen, dat is nu belangrijk. Bij de master Aansprakelijkheid en Verzekering hebben we daar veel aandacht voor en ik vind dat het onderwijs daar ook wel op ingericht moet zijn.”

Publicatiedatum: 9 april 2014