Promotie H. (Hedwig) Kooijmans

Op dinsdag 28 januari 2020 verdedigt H. Kooijmans haar proefschrift, getiteld: ‘Promoting Physical Activity in People Who Have a Long-Standing Spinal Cord Injury’.
Promotor
Prof.dr. H.J. Stam
Promotor
Prof.dr. M. Post
Begindatum

dinsdag, 28 jan 2020, 13:30

Einddatum

dinsdag, 28 jan 2020, 15:00

Ruimte
Professor Andries Querido zaal
Gebouw
Onderwijscentrum
Locatie
Erasmus MC

Op dinsdag 28 januari 2020 verdedigt H. Kooijmans haar proefschrift, getiteld: ‘Promoting Physical Activity in People Who Have a Long-Standing Spinal Cord Injury’.

Mensen die al een lange tijd een dwarslaesie hebben, bewegen over het algemeen zeer weinig. Uit eerder onderzoek is gebleken dat na het oplopen van een dwarslaesie mensen minder lichamelijk actief zijn en dat lichamelijke activiteit verder afneemt naar een niveau dat zeer laag is vergeleken met de algemene bevolking. Ook in vergelijking met mensen met andere chronische aandoeningen is dit niveau laag. Meer bewegen bij mensen met een dwarslaesie verbetert de gezondheid. Lichamelijke activiteit vermindert bijvoorbeeld de kans op hart- en vaatziekten, voorkomt secundaire aandoeningen, en vergroot lichamelijke fitheid en kwaliteit van leven. Uit eerder onderzoek is gebleken dat voor gedragsverandering naar een actievere leefstijl meer nodig is dan alleen het trainen van lichamelijke fitheid of alleen het geven van informatie over de voordelen van lichamelijke activiteit. Daarnaast waren er bij aanvang van de studie aanwijzingen dat een zelfmanagementinterventie een effectieve manier is om lichamelijke activiteit te verbeteren. In een dergelijke interventie worden informatie met actieve leerstrategieën en gedragsveranderingstechnieken gecombineerd, waardoor zelfmanagementvaardigheden worden vergroot. Deze zelfmanagementvaardigheden faciliteren gedragsverandering naar een actievere lichamelijke leefstijl en mogelijk zelfs het behoud hiervan. Onderdelen van zelfmanagementvaardigheden zijn (beweeg) zelf-effectiviteit, attitude, sociale support en proactieve coping. Zelf-effectiviteit betreft het vertrouwen dat het lukt om meer te gaan bewegen, attitude de houding die mensen hebben ten opzichte van bewegen, sociale support de ondersteuning die je uit je omgeving krijgt om meer te gaan bewegen, en proactieve coping het van tevoren bedenken hoe je omgaat met problemen die in de weg staan om lichamelijk actiever te worden. De belangrijkste doelstelling van het onderzoek beschreven in dit proefschrift was het onderzoeken van de effectiviteit van een 16 weken durende zelfmanagementinterventie - genaamd HABITS - op het niveau van lichamelijke activiteit bij mensen die al een lange tijd een dwarslaesie hebben. Daarnaast hebben we onderzocht of de zelfmanagementinterventie er ook aan bijdroeg dat deelnemers veranderden op factoren die voorwaardelijk werden geacht voor verandering in fysieke activiteit, zoals de fases van beweeggedragsverandering en of zelfmanagementvaardigheden. Om lichamelijke activiteit goed te kunnen meten is er een meetinstrument ontwikkeld en is de validiteit daarvan onderzocht. Het meetinstrument behelst een activiteitenmonitor die zelfstandig rolstoel rijden - als maat van lichamelijke activiteit - kan meten. Het primaire onderzoek van dit proefschrift was gebaseerd op een theoretisch model dat de relatie tussen zelfmanagementvaardigheden en lichamelijke activiteit beschrijft. Dit model was gebaseerd op twee gedragsveranderingstheorieën: het trans-theoretisch model van beweeggedragsverandering en de theorie van gepland gedrag. Een ander aspect van de studie was daarom het onderzoeken van de relatie tussen zelf-effectiviteit en lichamelijke activiteit. Hierbij werd de hypothese getoetst dat mensen met een langdurige dwarslaesie met een grotere zelf-effectiviteit ook meer lichamelijk actief zijn.

De openbare verdediging zal plaatsvinden in de Prof. Andries Queridozaal, 3e verdieping Onderwijscentrum, Erasmus MC. De ceremonie zal exact om 13.30 uur beginnen. Gezien het plechtige karakter van de bijeenkomst adviseren wij om kinderen onder de 6 jaar niet naar het eerste gedeelte van de ceremonie mee te nemen.