Datacenters zijn enorme energieverbruikers. Toch zijn zij niet automatisch de grootste veroorzakers van piekbelasting op het Nederlandse elektriciteitsnet. Dat zegt Ronald Huisman, hoogleraar Sustainable Energy Finance aan Erasmus School of Economics, in een interview met Vastgoedmarkt.nl.
Het energieverbruik van datacenters staat de afgelopen tijd volop in de belangstelling. Zo verbruikte het datacenter van Microsoft in Middenmeer vorig jaar ongeveer 1,17 terawattuur (TWh), ruim 1 procent van het totale Nederlandse elektriciteitsverbruik. Datacenters gezamenlijk zijn naar schatting verantwoordelijk voor ongeveer 4,6 procent van het Nederlandse elektriciteitsverbruik. Dat aandeel kan de komende tien jaar groeien tot circa 17 procent. ‘Als je naar het energieverbruik per vierkante meter kijkt, dan is dat bij datacenters natuurlijk gigantisch’, zegt Huisman. ‘Dat zijn enorm energieslurpende gebouwen. Het is eigenlijk een bijzonder type vastgoed.’
Constante vraag versus piekbelasting
De impact van datacenters op het elektriciteitsnet moet volgens Huisman echter niet alleen worden beoordeeld op basis van het totale energieverbruik. Ook het moment waarop elektriciteit wordt gebruikt, is van belang. Datacenters verbruiken, net als bijvoorbeeld ziekenhuizen, vrijwel constant elektriciteit. Dat verschilt van kantoren en woningen. Kantoren verbruiken vooral overdag stroom, terwijl het elektriciteitsverbruik van huishoudens juist vaak in de avonduren en in het weekend piekt. ‘Het net zit niet helemaal vol, maar alleen op bepaalde momenten’, legt Huisman uit. ‘Dat roept de vraag op wie er zorgen voor piekproblemen op het net.’
Volgens de hoogleraar zijn dat niet noodzakelijkerwijs de datacenters. ‘Die verbruiken constant ongeveer dezelfde hoeveelheid stroom. Mensen uit huishoudens komen daarentegen juist vaak rond 18.00 uur thuis en gebruiken vanaf dan elektriciteit. Vanuit het netcongestieperspectief bekeken, kan het best zijn dat juist huishoudens problematischer zijn dan datacenters.’
Niet alleen kijken naar totaalverbruik
Huisman benadrukt dat beide aspecten moeten worden meegewogen: het totale energieverbruik én het moment waarop dat verbruik plaatsvindt. ‘Je moet er vanuit die twee kanten naar kijken: het moment van verbruik en het totale verbruik. Het verbruik per vierkante kilometer ligt bij datacenters natuurlijk wel heel erg hoog.’
Ook andere vastgoedtypen zullen volgens Huisman de komende jaren meer elektriciteit gaan gebruiken. Zo kan de digitalisering van de zorg leiden tot een groeiend energieverbruik in ziekenhuizen. Huishoudens zullen onder meer door de groei van elektrisch rijden eveneens meer stroom gaan verbruiken.
Betere match tussen productie en consumptie
Om netcongestie te beperken, zouden gemeenten en vastgoedpartijen volgens Huisman sterker moeten kijken naar de match tussen het moment waarop elektriciteit wordt geproduceerd en het moment waarop deze wordt gebruikt. ‘We leggen veel zonnepanelen op de daken. Maar de zon is er overdag en huishoudens verbruiken in de avond. Dat is een mismatch.’ Dat biedt volgens Huisman kansen voor de vastgoedsector. Kantoren gebruiken relatief veel elektriciteit overdag, waardoor zonnepanelen op kantoorgebouwen goed kunnen aansluiten op het verbruiksprofiel. Voor woningen kunnen batterijen mogelijk helpen om overdag opgewekte zonne-energie op een later moment te gebruiken.
De opgave voor vastgoedeigenaren en -ontwikkelaars is volgens Huisman dan ook om productie en consumptie van elektriciteit zo veel mogelijk op elkaar af te stemmen. ‘Daar los je een stukje van de netcongestie mee op.’
- Professor
- Meer informatie
Lees hier het volledige interview op Vastgoedmarkt.nl.
Voor meer informatie neemt u contact op met Ronald de Groot, Media & Public Relations Officer aan Erasmus School of Economics: rdegroot@ese.eur.nl, mobiel: 06 53 641 846.
- Gerelateerde content
