Hoe inclusief is de Erasmus Universiteit? We vroegen het Erasmus Pride

Amber Prick van Wely & Welmer de Groot

'Port of love' is het thema van de vijfde Rotterdamse PRIDE, die op 27 september van start gaat. Wat is de status van Pride aan de Erasmus Universiteit? Hoe inclusief is de universiteit en voelen studenten en medewerkers zich veilig en gesteund om zichzelf te zijn? Om meer te horen hebben we een ontmoeting gehad met de aftredende voorzitter, Amber Prick van Wely en de nieuwe voorzitter Welmer de Groot van de LGBT+ organisatie van de universiteit: Erasmus Pride.

De organisatie is de laatste jaren snel gegroeid, vertelt Amber ons. 'We zijn bezig om studenten te laten weten dat we bestaan en dat ze naar ons toe kunnen komen voor leuke evenementen zoals onze maandelijkse borrel, of om ons te laten weten wanneer ze zich niet veilig of comfortabel voelen op de campus.'

Vooral internationale studenten komen naar Erasmus Pride. Amber schat het aantal internationale deelnemers aan evenementen op 75 procent. Ze merken dat veel internationals Nederland kiezen als een plek om bewust te studeren vanwege de reputatie van het land op het gebied van tolerantie. Studenten uit China en Rusland komen bijvoorbeeld naar Nederland en willen graag gelijkgestemde mensen ontmoeten en een netwerk opbouwen.

Twee van de doelstellingen van de organisatie zijn om toegankelijk te zijn voor studenten en medewerkers van de Erasmus Universiteit en hen te verbinden. Er zijn sociale evenementen, zoals feesten of barhoppen naar LGBT-locaties in Rotterdam. Zij willen een veilige en gastvrije plek bieden aan studenten die deel uitmaken van de LGBT+ gemeenschap. Voor nieuwe studenten kan het moeilijk zijn om hun weg te vinden in Rotterdam.

Maar Amber vindt het ook belangrijk om informatie te geven over LGBT+ en inclusie. Erasmus Pride organiseert lezingen en panels over verschillende onderwerpen, bijvoorbeeld informatie over aseksualiteit of interseksuelen.

Onverdraagzaamheid is vaak het gevolg van onwetendheid, stelt nieuwe president en student geneeskunde Welmer. Hij legt de theorie van de 3 T's van economische ontwikkeling uit: alle bloeiende gemeenschappen hebben een overvloed aan getalenteerde mensen, zijn technologisch geavanceerd en de mensen zijn tolerant en staan open voor nieuwe ideeën. Onverdraagzaamheid is slecht voor de vooruitgang en daarom is het informeren van mensen van groot belang voor de hele universiteit en voor de stad Rotterdam.

Rolmodellen

Een van de doelstellingen van de organisatie is het bereiken van de medewerkers. Dat is volgens Welmer belangrijk, omdat ze als rolmodel kunnen dienen voor studenten die zich misschien niet vertegenwoordigd voelen door de universiteit of in hun vakgebied. 'Rolmodellen zijn van groot belang voor de LGBT+ gemeenschap', legt Welmer uit. 'Studenten uit de meeste minderheden hebben binnen hun familie of gemeenschap rolmodellen waar ze terecht kunnen met vragen. Jonge LGBT+ mensen kennen alleen anderen die LGBT+ zijn van internet of TV.  Dat maakt het moeilijk om iemand te vinden waarmee je je kunt identificeren'. Amber vult aan: 'Ik kom uit een klein dorp waar niet veel LGBT+ rolmodellen waren. Ook op mijn middelbare school waren er geen positieve voorbeelden. Dit is onze kans om een netwerk van rolmodellen te creëren waar jonge studenten naar op kunnen kijken.'

Wat wil nieuwe president Welmer dit jaar als president bereiken? Ik zal blij zijn als er een systeem is om inclusiviteit op de universiteit en incidenten op de campus te meten. Of wanneer er zichtbare rolmodellen zijn voor LGBT+-studenten en iedereen zich veilig genoeg voelt om zichzelf te zijn.

Bubbels

De strijd op de universiteit is dat studenten steeds meer in hun eigen luchtbel blijven, en niet zo veel contact of kennismaken met andere studenten uit andere groepen. Het onderwijs wordt steeds minder persoonlijk, zonder vaste groep of mentor, zodat studenten minder mensen van buiten hun eigen culturele groep leren kennen. De universiteit wordt minder inclusief, vreest Welmer. 'Het probleem met de huidige diversiteitstraining is bijvoorbeeld dat deze zich vooral richt op verschillen tussen groepen. Maar we moeten ons richten op wat we gemeen hebben. Ga ergens samen heen, leer elkaar kennen. Dat is de beste manier om te werken aan een meer inclusieve universiteit'.