Samenwerking is in het kader van One Connected EUR een belangrijk onderdeel van de EUR Strategie 2030. Het waarderen van samenwerking in de academische wereld is ook een van de doelstellingen van het nationale Erkennen & Waarderen-programma (E&W) Hoewel werken in teams gebruikelijk is, staan er niet vaak samenwerkingen tussen professional services staf (PSS) en academische staf niet vaak in de schijnwerpers. Toch zijn deze belangrijke samenwerkingen er wel. In dit interview vertellen Chiara Stenico, Bora Lushaj en Julia Wittmayer over succesvol samenwerken en hoe samenwerking bij EUR beter kan worden gestimuleerd.
Chiara Stenico en Bora Lushaj zijn collega’s bij Erasmus Research Services (ERS). Beiden zetten zich in voor het bevorderen van Open & Responsible Science vanuit verschillende invalshoeken: engaged, of maatschappelijke betrokken, onderzoek en onderzoeksdatabeheer. Chiara is Engaged Research Officer en coördinator van de regionale Hub for Impactful and Engaged Research (HIER).
Bora werkt als Research Data Steward en is tevens gedetacheerd bij ISS, ESL en het Erasmus Center for Law and Digitalization (ECLD). Beiden hebben ook ervaring met samenwerking in ‘gemengde’ teams waarin PSS en academici samenwerken. Dergelijke teams zijn gebruikelijk bij EUR, maar het benadrukken van ‘gemengde’ samenwerkingen is dat nog steeds niet. De cruciale rol en bijdragen van PSS en hoe zij expertisegebieden vormgeven, blijven vaak ‘onder de radar’.
Julia Wittmayer, hoogleraar Transdisciplinariteit en Maatschappelijke Transformaties aan ESPhil en senior onderzoeker bij DRIFT, heeft met Bora en Chiara samengewerkt en zegt dat er behoefte is aan “meer waardering voor het feit dat wij (PSS en academici) beiden vanuit de beste bedoelingen binnen het systeem werken.”
“Het is de samenwerking die het verschil maakt”
Onlangs werkten Chiara en Julia samen aan een actieonderzoeksproject dat institutionele ethische beoordelingsprocedures en hun relatie tot reflexieve onderzoekspraktijken onderzocht. Deze samenwerking, met medewerkers van verschillende EUR faculteiten en daarbuiten, resulteerde in een publicatie Reimagining Research Ethics for the Participatory and Transformative Turn, waarvan Chiara coauteur is (1). Dit gebeurt nog steeds relatief zelden in de academische wereld – dat een PSS publiekelijk erkenning en waardering krijgt binnen een teamsamenwerking.
“Je kunt dit werk als onderzoeker niet alleen doen, je mist dan de perspectieven en expertise van mensen die werkzaam zijn binnen de diensten”, legt Julia uit. “Of we het nu PSS of wetenschappelijk personeel noemen, het is de samenwerking die het verschil maakt, zowel bij het beter begrijpen van het probleem als bij het ontwikkelen van oplossingen.”
De projectbevindingen vormden de basis voor een beleidsnota, waarvan het team hoopt dat deze het EUR-beleid rond het beheer van onderzoeksethiek zal informeren. Bora maakte ook deel uit van het team dat aan deze nota werkte. Vorig jaar leidde ze, samen met PSS en academici vanuit en buiten de EUR, de ontwikkeling van de eerste in Nederland gepubliceerde gids (2) die de CARE-principes introduceert als onderdeel van een door TDCC/NWO gefinancierd project over knelpunten bij het delen van data (3). Julia en Bora kwamen met elkaar in contact toen ze ontdekten dat ze aan vergelijkbare thema’s werkten, en sloegen de handen ineen.
Kansen creëren
De onderzoeksmogelijkheden en samenwerkingsverbanden die PSS bij EUR creëren, worden vaak niet gezien en erkent. Bora’s werk is een bewijs van de belangrijke bijdrage die door PSS geleverd kan worden. Vorig jaar bracht ze op eigen initiatief een financieringsmogelijkheid naar ECLD toen ze zag dat juridische begeleiding om te navigeren door de voorwaarden voor toegang tot en het delen van onderzoeksdata niet geharmoniseerd of gemakkelijk toegankelijk is tussen instellingen. En ook dat ondersteuning door juridische medewerkers van de universiteit vaak stuit op capaciteitsproblemen. De jaarlijkse subsidieronde van NWO/TDCC-SSH bood een kans om deze kloof van “juridische onduidelijkheid” rond data en AI voor onderzoek aan te pakken, met als haalbare oplossing een open kennisbank met toegankelijke juridische begeleiding en de oprichting van een netwerk van juridische experts.
Bora legde dit idee voor aan de TUD en SURF, de nationale infrastructuur voor onderzoek en digitalisering, terwijl ECLD-onderzoekers collega’s met aanvullende juridische expertise in Tilburg betrokken. Bora leidde het schrijven van het projectvoorstel en coördineerde dit met het consortium. In mei werd het LEGIS-projectvoorstel goedgekeurd door NWO.
De waarde van samenwerken
Alleen werken kan prettig zijn, maar Chiara, Bora en Julia zien een duidelijke meerwaarde van samenwerking in de academische wereld. “Het is de wijsheid van het collectief. Je creëert een idee dat rijker is en meer inzicht biedt. Het heeft waarde voor de impact die je wilt maken”, zegt Chiara. Julia is het daarmee eens: “Als je maatschappelijke verandering wilt ondersteunen, heb je verschillende perspectieven nodig, zowel binnen de academische wereld als daarbuiten. Door samenwerking brengen we inspiratie en innovatie op gang.” “Samenwerking helpt ook om onderzoek vooruit te helpen door expertise te combineren”, zegt Bora. De samenwerking die bij ECLD is gestart, “combineert bijvoorbeeld expertise op het gebied van onderzoek en datamanagement en richt die op het oplossen van een concreet probleem voor onderzoekers.”
“Het is de wijsheid van het collectief. Je creëert een idee dat rijker is en meer inzicht biedt. Het heeft waarde voor de impact die je wilt maken”
Chiara Stenico
Is er een recept voor succesvol teamwork? Chiara noemt goede coördinatie, vertrouwen en “een zekere mate van openheid en warmte. Ook binnen de hub HIER zie je deze samenwerkingen terug”, benadrukt ze. “Het maakt het werken aangenamer als we met elkaar gaan samenwerken in plaats van dat we elkaar tegen werken. Dit is de samenwerking die we idealiter willen: een gedeeld gevoel van doelgerichtheid en een zorgzame gemeenschap,” voegt Julia toe.
Samenwerking versterken en waarderen
Het E&W-programma heeft het volgende doel: meer mogelijkheden creëren om het werken in teams te erkennen en tegelijkertijd individuele bijdragen te waarderen. Het is een positieve ontwikkeling dat samenwerking nu officieel deel uitmaakt van de strategische koers van EUR. “Ik denk echter niet dat EUR al beseft wat dat (samenwerking) inhoudt”, zegt Julia. Ze wijst erop dat voor academici de tijd die aan samenwerken wordt besteed “vaak deel uitmaakt van de onderzoekstijd”. Dit kan negatieve gevolgen hebben.
Julia geeft een voorbeeld: veel van haar collega’s bij EUR-faculteiten “afzien van het schrijven van gezamenlijke EU-subsidieaanvragen uit angst dat ze tijd moeten investeren in het schrijven van voorstellen en het opbouwen van netwerken zonder de garantie dat ze de subsidie krijgen – terwijl ze in die tijd ook geen wetenschappelijke artikelen kunnen schrijven. Ze zegt dat zolang “goed onderzoek nog steeds gelijkstaat aan publicaties”, samenwerking en in het verlengde daarvan engaged onderzoek niet worden gezien als gunstig voor loopbaanontwikkeling. Voor PSS vindt Bora het belangrijk dat het erkennen en waarderen van “individuele inzet en expertise” in een samenwerking resulteert in “carrièremogelijkheden en de mogelijkheid om mee te praten wanneer de universiteit strategische keuzes maakt.” Ze zou ook graag zien dat samenwerkingsprojecten “worden gestimuleerd met daadwerkelijke tijd en ruimte. Het LEGIS-voorstel zou niet mogelijk zijn geweest zonder steun van ESL en een detachering bij ECLD.”
Wat kan EUR nog meer doen om samenwerking beter te erkennen en waarderen?
Bora zegt dat er aan de universiteit “veel meer openheid” nodig is in termen van “actief nadenken over wie kan bijdragen en meer openstaan voor verschillende standpunten.” Chiara zou ook graag zien dat de organisatie kansen en ruimte creëert voor diverse samenwerkingsverbanden, aangezien “het samenbrengen van mensen die niet per se zouden samenwerken” vertrouwen schept tussen verschillende academische domeinen, wat zij ziet als onderdeel van de strategische doelstelling ‘Eén verbonden EUR’. “EUR zou kunnen leren van plekken binnen haar eigen structuur waar dit bijzonder goed werkt, zoals bij DRIFT”, zegt Julia. De Hub HIER organiseert en stimuleert ook al “samenwerkingen in gemengde teams", geeft Chiara aan. “HIER is ontstaan als een gedeelde visie van zowel PSS als betrokken onderzoekers.” Chiara is ook van mening dat “samenwerking op de juiste manier moet worden erkend als een mijlpaal in je loopbaan” en dat voorbeelden van succesvol teamwork “meer zichtbaarheid, aandacht en erkenning verdienen. We zouden dat veel vaker moeten laten zien.”
Erasmus Universiteit Rotterdam is bezig haar systeem voor erkenning en waardering van wetenschappelijk personeel te moderniseren om meer ruimte te creëren voor divers wetenschappelijk talent en om medewerkers beter in staat te stellen bij te dragen aan de missie van de universiteit: positieve maatschappelijke impact creëren. Om die reden is EUR in 2020 gestart met het Erkennen & Waarderen programma.
Benieuwd wat E&W voor jou of je faculteit betekent? Kom in contact met de contactpersoon voor je faculteit voor E&W, of neem rechtstreeks contact op met het Erkennen & Waarderen-team via recognitionandrewards@eur.nl.
Bronnen
- Huang, Y.-S. (Elaine), Wittmayer, J. M., Gelens, T., Bauer, K., Mena, R., Egger, C., & Stenico, C. (2026). Reimagining research ethics for the participatory and transformative turn: Between reflexive accountability and accountable reflexivity. International Journal of Qualitative Methods, 25. https://doi.org/10.1177/16094069261436025
- De CARE-principes vormen een kader voor gegevensbeheer dat is ontwikkeld door inheemse wetenschappers en dat is afgestemd op de behoeften van inheemse gemeenschappen. Tegelijkertijd kunnen op CARE gebaseerde gegevenspraktijken participatief en actiegericht onderzoek ondersteunen en de voordelen van onderzoeksgegevens voor gemeenschappen vergroten. In de gids wordt ook ingegaan op de manier waarop CARE en op CARE gebaseerde gegevenspraktijken zich verhouden tot de huidige ethische toetsing en het gegevensbeheer aan Nederlandse universiteiten.
- Het project ‘Beyond personal data: a new initiative to support early-career researchers with hard-to-share data’ met dossiernummer ICT.TDCC.001.002, wordt (gedeeltelijk) gefinancierd door De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) via de Thematic Digital Competence Centre Social Sciences & Humanities (TDCC-SSH). Leidende organisatie: SURF. Partnerorganisaties: DANS, EUR, Universiteit Leiden, PNN.

