Waarom ic-specialist Diederik Gommers (56) zich minder zorgen maakt over dochter Sophie (23) dan andersom

Foto: Levien Willemse

Hoogleraar en intensivist Diederik Gommers (56) samen met dochter Sophie Gommers (23) over zijn rol in de Coronacrisis. Aan tafel vertelt Sophie Gommers onder andere over haar studie Business Information Management aan de Erasmus Universiteit. Onlangs is ze afgestudeerd. Ze kan ict-consultant worden of datawetenschapper. Ze maakt zich geen zorgen over haar toekomstige baan, nu een economische crisis op de loer ligt. In haar beroepsveld is werk zat. 

Terwijl de lach van Diederik Gommers door zijn werkkamer in het Erasmus MC galmt, kijkt zijn dochter Sophie hem streng aan. ‘We hebben het hier met mama over gehad’, zegt ze. ‘Die zei ook: hierover zijn de laatste woorden nog niet gezegd.’

Het gaat over een uitzending van het tv-programma Jinek, een van de vele publieke optredens waarin haar vader de afgelopen maanden indruk maakte. Ze zat te kijken, begin april. En opeens hoorde ze het hem zeggen: ‘Mocht ik in deze tijd onverhoopt thuis een hartinfarct krijgen, laat mij dan maar lekker gaan. Ik hoef dan niet terug naar het ziekenhuis.’

Hoogleraar en intensivist Diederik Gommers (56) wilde die avond mensen aan het denken zetten. Hij wilde dat ze zich de vraag zouden stellen die vaak zo moeilijk is: hoelang moet je vasthouden aan het leven? En om dat te bereiken maakte hij het persoonlijk.

‘Ik hoef niet gereanimeerd te worden’, zei hij op tv.

‘Dit heb jij dus even gedeeld’, zegt Sophie. ‘Met heel Nederland.’

‘Ja’, zegt hij, nog steeds lachend. ‘Dat kan ik heel rustig doen.’

Sophie Gommers (23) vertelt dat het de eerste keer was dat ze haar vader dat hoorde zeggen. ‘Je geeft je leven en al je tijd om zieke mensen te helpen. Je weet hoeveel de gezondheidszorg kan. En dan ga je niet vechten voor jezelf? Dat vind ik gek.’

Diederik, met geamuseerde blik: ‘Hmm, o ja. Oké.’

Sophie: ‘Maar hier is het laatste woord dus nog niet over gezegd.’

Hoofdrolspeler

Met verbazing zagen zijn gezinsleden de afgelopen maanden hoe Diederik Gommers uitgroeide tot een van de hoofdrolspelers in de coronacrisis. Als voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care adviseerde hij het kabinet en werd hij vaste gast bij talkshows, om uitleg te geven over het dreigende beddentekort.

Hij viel op. Door zijn eerlijkheid. Zijn betrokkenheid. Zijn emoties. Doordat hij het persoonlijk maakte en niet bang was te vertellen over zijn eigen leven en dilemma’s.

Thuis voerde hij felle discussies met zijn kinderen, Sophie, Luc (21) en Freek (18). Het ging over de lockdown, die nodig was om de ic’s te ontlasten. Luc maakte zich kwaad over het uitblijven van een lockdown, Freek vond later juist dat de lockdown te lang duurde.

Sophie maakte zich zorgen om haar vader, die in het ziekenhuis natuurlijk extra risico liep. Onlangs is ze verhuisd naar Dordrecht, maar toen woonde ze nog in een studentenkamer in Rotterdam. Ze bleef binnen en volgde colleges via haar laptop. Soms zag ze mensen uit haar omgeving dingen doen waar ze zelf niet achter stond. ‘Waarom zien jullie de ernst niet in?’, vroeg ze dan. ‘Ga het nou niet erger maken. Er zijn mensen die elke dag naar het ziekenhuis moeten en risico lopen voor jou.’

Ic-bedden

Op 26 maart werd in de Tweede Kamer gedebatteerd over de coronacrisis. Kamerleden waren geïrriteerd omdat De Jonge niet kon beloven dat er aan het eind van de week genoeg ic-bedden zouden zijn.

Nog tijdens het debat werd Gommers gebeld door een ambtenaar van VWS. ‘Hugo de Jonge moet weten of er aanstaande zondag 1.600 bedden zijn. Of ik dat even wilde beloven. Ik zei: luister, ik zit toch niet in de Kamer, wat denk je zelf? Ik dacht: ik word hier in de maling genomen. Maar nee, ze moesten weten of ik dat wilde zeggen.

Bij de koffieautomaat laat hij het even bezinken. ‘Waarom hadden zij het nodig dat Diederik Gommers zou zeggen dat er 1.600 bedden zouden zijn? Terwijl ik dat ook niet wist en geen invloed heb op beschikbare ic-bedden. Toen dacht ik: het moet dan maar. Als dat zo ongelooflijk belangrijk voor De Jonge is, dan zeg ik wel dat er zondag 1.600 bedden zijn.’

‘Meteen daarop zeiden ze: oké, wil je dat even in een WhatsApp bevestigen?

Even later redt De Jonge tijdens het debat zijn gezicht: per 1 april kan worden opgeschaald naar 1.600 bedden. ‘Gommers heeft het bevestigd’, zegt hij.

Sophie: ‘Dat was de eerste keer dat je je er echt van bewust was dat je in het spel zat. Het was een van de dingen die je uitgebreid met ons besproken hebt.’

Diederik: ‘Ik stond perplex.’

Verantwoordelijk

De carrière van Diederik Gommers verloopt anders dan die van de meeste artsen. Na zijn afstuderen begint hij ‘een beetje uit verveling’ een bedrijf rond een experimenteel middel om te ademen. Tien jaar lang is hij directeur, voert hij onderhandelingen met andere bedrijven, totdat het bedrijf wordt overgenomen.

Op zijn 32ste begint hij met zijn coschappen, op zijn 42ste is hij specialist op de intensive care. Maar omdat hij zo veel ervaring heeft opgedaan buiten het ziekenhuis, wordt hij al snel plaatsvervangend hoofd van de afdeling. ‘Totdat mijn baas zei: je kunt het eigenlijk beter dan ik, wil jij niet de baas worden? Dus in no time zat ik op zijn positie.’

Nu zegt hij vaak tegen geneeskundestudenten: ga eerst iets anders doen. ‘Want je komt nooit meer uit de medische wereld. Ik ben nu veertien jaar intensivist; ik begin het nu soms al saai te vinden.’

Meer informatie

Lees het gehele interview in De Volkskrant.