Toetsing en feedback

Belangrijke elementen uit de visie op onderwijs in Erasmusarts 2020 komen terug in de visie op toetsing. Daarnaast kiest de opleiding Geneeskunde in Rotterdam voor een focus op feedback in de coschappen: een periode waarin de beginnende dokter kennismaakt met de praktijk en zijn competenties gaat ontwikkelen. Feedback van ervaringsdeskundigen is dan cruciaal om te leren van de (eerste) ervaringen in de praktijk.

  • De toetsing in de coschappen is gebaseerd op de volgende uitgangspunten:

    • Just-in-time toetsen houdt in dat studenten zichzelf voorafgaand aan de coschappen formatief kunnen toetsen op beheersing van hun kennis en vaardigheden. Tijdens de coschappen passen zij de kennis toe in de praktijk, houden zij hun kennis actueel en verwerven zij nieuwe praktijk- en toepassingsgerichte kennis. Aan het einde van elk blok van coschappen worden kennis (bloktoets) en vaardigheden (observatie patiëntcontacten en professioneel functioneren) van studenten summatief getoetst. De bloktoets heeft een sterke link met het coschap, maar toetst ook toepassingsgerichte kennis van voorafgaande coschappen.

    • Er wordt ingezet op de verbetering van de (longitudinale) beoordeling. Er is meer aandacht voor de kwaliteit van observatie van gedrag en tijdens de master worden dezelfde criteria beoordeeld op basis van steeds moeilijker en meer geïntegreerde taken. Ook wordt het portfolio aangepast om de longitudinale professionele ontwikkeling beter zichtbaar te maken. Het gaat hier om de niet-medische inhoudelijke kennis, vaardigheden en competenties en om discipline-overstijgende zaken zoals attitude, reflectie en persoonlijk functioneren. In de loop van de master worden de vormen van feedback en reflectie meer volwassen (intervisiegesprekken).

    • Studenten dienen in de master meer en meer hun eigen leerproces ter hand te nemen. De zelfregie van studenten wordt naast de summatieve toetsing door diverse andere toetsen ondersteund: formatieve (entree)toetsen (ook in het online instructiemateriaal), feedback en portfolio. Daarnaast zijn er voortgangsgesprekken met de mentor en de rol van de Commissie Longitudinale Beoordeling Coassistenten (CLBC).

    • Er wordt een mix van toetsvormen gehanteerd. Iedere toets voldoet wat betreft validiteit, betrouwbaarheid, transparantie en uitvoerbaarheid aan de kwaliteitseisen voor goede toetsing. Voor het lijnonderwijs geldt tot slot een aanwezigheids- en participatieverplichting en studenten dienen de opdrachten voldoende uit te voeren.

  • Feedback is gericht op leren en begeleiden en vormt dus géén eindoordeel. Het geeft input aan de coassistent om kritisch te leren kijken naar eigen sterke en zwakke punten. Feedback geeft ook de eigen groei weer. Het geven van feedback vindt logischerwijs niet aan het einde van een traject plaats, maar tussentijds zodat een coassistent er iets mee kan. Het is, met andere woorden, belangrijk voor hem om iets te leren van de gegeven feedback.

    Vanwege het belang van feedback voor coassistenten, wordt in het Erasmus MC sinds 2007 gebruik gemaakt van het zg. feedbackzakboekje. Het is de bedoeling dat coassistenten ten minste twee keer per week feedback vragen en hu reflectie daarop vastleggen. EPASS wordt gebruikt voor het vragen naar feedback.

  • Het Electronic Portfolio Assessment Support System (EPASS) is een elektronisch portfoliosysteem dat wordt gebruikt voor de beoordeling en feedback in de coschappen. Zie de sectie 'Downloads' onderaan deze pagina voor de handleidingen en een aantal voorbeeldformulieren.