Inspecties worden beter door experimenteren

Inspecteurs moeten bij complexe maatschappelijke problemen meer ruimte nemen om te leren en te experimenteren. Dit stelt Suzanne Rutz in haar proefschrift over reflexief toezicht dat zij vrijdag 23 juni 2017 verdedigt aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Rutz onderzocht het toezicht van een samenwerkingsverband van vijf rijksinspecties voor zaken als kindermishandeling en opgroeien in armoede.

Reflexief toezicht is bedoeld voor situaties waarin weinig kennis voorhanden is of veel discussie over normen en toetsingscriteria, zoals in de zorg en ondersteuning aan kinderen die opgroeien in armoede. Vaak spelen allerlei partijen een rol maar is de taakverdeling onduidelijk. Leren is dan belangrijk, het liefst door te experimenteren met een breed repertoire aan oplossingsrichtingen om te achterhalen welke acties passen bij het probleem en werken in de specifieke situaties waarin het probleem zich voordoet.

Werkwijze inspecteurs
Rutz deed kwalitatief onderzoek naar de werkwijze van inspecteurs die reflexief toezicht in de praktijk brengen. Ze volgde toezichtprojecten, deed interviews en analyseerde documenten van inspecteurs.

Te beperkt
In het toezichtproject over zorg en ondersteuning aan kinderen die leven in armoede spraken inspecteurs onder meer met jongeren, ouders, vrijwilligers van voedselbanken, schuldsaneerders, jongerenwerkers, leerkrachten, jeugdverpleegkundigen en met maatschappelijk werkers. Zo krijgen ze zicht op allerlei oplossingsrichtingen en mogelijke verbeteracties. Als het echter aankomt op de vorming van een oordeel beperken ze zich tot dat deel van het probleem waarover ze normen kunnen stellen. Dit versmalt hun brede perspectief. Ze benaderen niet meer allerlei partijen, maar richten zich op een partij die verbeteracties moet coördineren. Daardoor neemt de diversiteit van verbeteracties af. Dit beperkt de mogelijkheden om te leren.

Beter leren
Op basis van het onderzoek beveelt de promovenda aan dat toezichthouders hun rol breed moeten opvatten. Ze kunnen hun positie benutten om partijen bij elkaar te brengen, gezamenlijk diverse verbeteracties te ontwikkelen en uit te proberen om te leren welke acties passend zijn. Leren kan verder worden gestimuleerd door het vinden en beter begrijpen van goede praktijken in het toezicht te betrekken.

Burgers centraal
De rijksinspecties van Toezicht Sociaal Domein/Samenwerkend Toezicht Jeugd (TSD/STJ) willen met hun toezicht stimuleren dat hun organisaties leren betere resultaten te verkrijgen voor mensen die zorg en ondersteuning nodig hebben in het Sociaal Domein. Ze zetten burgers dan ook centraal in hun toezicht. Dit leren en verbeteren betrekken de rijksinspecties ook op zichzelf. Al tijdens de looptijd van het promotieonderzoek zijn de resultaten benut om werkwijze van TSD/STJ verder te ontwikkelen, bijvoorbeeld bij het nieuwe toezichtkader voor het Sociaal Domein. De rijksinspecties zullen de resultaten van het onderzoek ook gebruiken bij de verdere ontwikkeling van het gezamenlijk toezicht in het sociaal domein.

Over Suzanne Rutz
Suzanne Rutz doet onderzoek en is senior-inspecteur bij het Toezicht Sociaal Domein/Samenwerkend Toezicht Jeugd (TSD/STJ), een samenwerkingsverband van vijf rijksinspecties.


Publicatiedatum: 13 juni 2017