Ongekend hoog systeemrisico bij grootbanken

ESB

Net als gedurende de financiële crisis ruim tien jaar geleden, hebben banken tijdens de coronacrisis te maken met flinke macro-economische schokken. Casper de Vries, Professor of Monetary Economics aan Erasmus School of Economics, schreef samen met alumnus Annegeke Jansen een artikel over het hoge systeemrisico van grootbanken.

Systeemrisico

Het systeemrisico omvat de mogelijkheid dat grootbanken in de problemen raken en wordt door grofweg twee vormen van systeemfalen veroorzaakt. Allereerst kan de ene bank de andere aansteken, net als bij bijvoorbeeld de griep. Bij de tweede vorm worden banken tegelijk geraakt door macrofactoren, zoals bijvoorbeeld vraaguitval. In 2008, toen veel banken dezelfde financiële producten hadden die minder waard bleken dan men had gedacht, was de voornaamste oorzaak de blootstelling aan macrofactoren. Door de coronacrisis wordt het bankwezen nu opnieuw geconfronteerd met grote macro-economische schokken. In hun artikel analyseren de Vries en Jansen de individuele bijdrage van de banken aan het systeemrisico. Dit risico meten zij aan de hand van  de Marginal Expected Shortfall (MES-maatstaf). De MES wordt veel gebruikt voor stresstesten, en kan tevens geïnterpreteerd worden als het aandeel van een individuele bank in het systeemrisico.

Grootbank

Of een bank een grootbank is, hangt volgens de Europese Centrale Bank (ECB) voornamelijk af van de balansomvang. Maar volgens Jansen en de Vries is de ene grootbank de andere niet. De mate waarin een bank onderdeel is van het systeemprobleem verschilt per bank en hangt bijvoorbeeld samen met de complexiteit van een instelling, hoe verwikkeld de bank is met andere banken en de risico’s die een bank neemt. Op basis van de MES-rangschikking bepaalden Jansen en de Vries de volgorde van meest risicovolle grootbanken van Europa. Het inzicht dat de MES-maatstaf biedt wat betreft het individuele aandeel van banken in het systeemrisico kan gebruikt worden om differentiatie toe te passen in de eisen voor grootbanken. Zo zouden banken met een hoger risico hogere kapitaaleisen of een ander belastingregime opgelegd kunnen krijgen.

Implicaties van de coronacrisis

In de jaren na de financiële crisis is het systeemrisico niet substantieel afgenomen. Dit maakt de kans dat een macro-economische schok leidt tot grote verliezen in de financiële sector hoog. Gedurende de huidig coronacrisis zorgt het ongekende overheidsingrijpen voor beperkte overloopeffecten. De verschillende genomen maatregelen voor banken, bedrijven en werkenden beperken de verliezen op bankkredieten. Daarnaast zijn de maatregelen van de Europese Centrale Bank van belang. Hoewel verlichting van de kapitaaleisen de bankbalansen niet versterkt, zijn de zachte leningen die banken bij de ECB kunnen opnemen wel behulpzaam. Daarnaast zorgt het op grote schaal opkopen van staatsobligaties door de ECB ervoor dat overheden weer makkelijker steun kunnen bieden.

Oog op de toekomst

De Vries en Jansen benadrukken dat het van belang is de toegenomen hefboom in de economie te reduceren zodra de coronacrisis aan het bedaren is. Dit kan door onderliggende drijfveren weg te nemen, waarbij ze aantonen dat het uitbetaalt om voor de meest risicovolle banken een hogere kapitaaleis te hanteren. Een andere mogelijkheid is om de fiscale bescherming van vreemd vermogen te verminderen, om zo bij banken de prikkel weg te nemen om zichzelf te financieren met overmatig veel vreemd vermogen. Dit verhoogt de financiering met eigen vermogen, zodat er meer ruimte ontstaat om eventuele klappen op te vangen.

 

Artikel Trouw 'Banken kwetsbaar ondanks buffers'

Professor
Meer informatie

Annegeke Jansen rondde in 2018 haar masterstudie Economics and Business, met als specialisatie International Economics, af. Tegenwoordig is ze Junior Economist bij het Nederlandse Ministerie van Financiën.

Het artikel van de Vries en Jansen voor ESB kan bovenstaand gedownload worden, net als een artikel uit Trouw waarin verwezen wordt naar het artikel van de Vries en Jansen, 11 juli 2020.