Vraagtekens bij samenwerking tussen gemeenten

Uit bedrijfsmatig oogpunt fuseren gemeenten steeds vaker delen van hun organisaties tot één intergemeentelijke dienst. Maar dit leidt niet per se tot betere dienstverlening, lagere kosten en minder kwetsbaarheid. Dat concludeert bestuurskundige Laurens Zwaan in zijn proefschrift. Hij waarschuwt ook voor een aantal ongewenste effecten: de gemeenteraad komt bijvoorbeeld meer op afstand te staan. Zwaan promoveert vrijdag 24 juni 2016 aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Steeds vaker fuseren gemeenten uit bedrijfsmatig oogpunt delen van hun organisaties tot één 'intergemeentelijke' dienst. Maar de dienstverlening wordt daar niet goedkoper van - en alleen voor de allerkleinste gemeenten wordt de dienstverlening iets beter en de kwetsbaarheid minder, zo concludeert Laurens Zwaan, die drie intergemeentelijke sociale diensten onderzocht. Ook stelt hij dat er geen aantoonbare invloed is van de intergemeentelijke manier van organiseren op de waardering door burgers.

Druk op schaalvergroting
Zwaan plaatst de bevindingen in de context van ontwikkelingen in ons openbaar bestuur. Door druk op schaalvergroting vanuit een kabinet dat grotere gemeenten wil, voelen veel gemeenten zich gedwongen om ambtelijke samenwerking te zoeken. Zo willen ze bestuurlijk onafhankelijk blijven. Maar zij blijven daarbij steken in bedrijfsmatige overwegingen. Hierdoor laten gemeenten kansen liggen, stelt Zwaan. 

Ongewenst effect: rol gemeenteraad
Bovendien vervreemdt de gemeenteraad van het samenwerkingsverband. Zij vergeten dat het hun eigen dienst is. De raad verliest haar greep op het beleidsveld dat door de dienst wordt uitgevoerd. De raad komt meer op afstand en heeft moeite haar rol ten aanzien van het samenwerkingsverband in te vullen, stelt Zwaan. En dat terwijl juist bij de dienst die bestuurlijk verder op afstand staat de raad extra alert zou moeten. De raad heeft daartoe meer mogelijkheden dan raadsleden denken. En vergeet niet dat de gemeente eigenaar blijft, het is de eigen dienst. 

Politieke afweging
Een ander onbedoeld effect is dat de democratische kaderstelling en controle onder druk komen te staan. Ook wordt de rechtsgelijkheid beïnvloed doordat de politieke afweging over het sociaal beleid verschuift van gemeentelijk naar intergemeentelijk niveau.

Dat laatste hoeft niet ongewenst te zijn. Als het nieuwe gebied sociaal, cultureel en economisch zo samenhangt dat dit een meer logisch gebied vormt om politieke afwegingen over sociale voorzieningen te maken, dan is dit effect positief. Maar doordat bij het vormen van het samenwerkingsverband alleen naar bedrijfsmatige aspecten wordt gekeken wordt vergeten wat politiek, juridisch en maatschappelijk een passend gebied zou zijn. 

Meer informatie

Persvoorlichting Erasmus Universiteit Rotterdam, T 010 408 1216 of E press@eur.nl