Waarom zijn Fransen zo ongelukkig?

Waarom zijn Fransen zo ongelukkig?

Waarom zijn Fransen, ondanks hun welvaart, niet zo gelukkig? Die vraag behandelt Gaël Brulé in zijn proefschrift, dat hij donderdag 11 februari 2016 verdedigt aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Uit zijn onderzoek blijkt dat de vrij sterke hiërarchie in de Franse samenleving debet is aan het ongeluksgevoel. Die hiëarchie is  zichtbaar in het eenrichtingsverkeer in het onderwijs en de machtafstand op de werkvloer. 

Gaël Brulé vergeleek voor zijn proefschrift ‘Geography of happiness’ verschillen in geluk tussen landen, met een focus op Frankrijk. Bij de definiëring van 'geluk' onderscheidt Brulé twee componenten: de mate waarin iemand zich overwegend prettig voelt (affectief geluk) en de mate waarin iemand zijn verlangens verwezenlijkt ziet (cognitief geluk).

Uit zijn onderzoek naar gelukspatronen wereldwijd blijkt dat ontwikkelde landen hoog scoren op beide componenten, terwijl dat bij islamitische landen bij beiden laag is. In andere geografische groepen zijn er verschillende scores. Zo zeggen inwoners van Latijns-Amerika dat ze zich meestal prettig voelen, maar scoren ze slechts gemiddeld op het vlak van cognitief geluk.

Frankrijk
In het tweede deel van zijn proefschrift gaat Brulé in op het relatief lage geluksniveau in zijn thuisland Frankrijk. Fransen zijn relatief minder gelukkig dan men zou verwachten op grond van hun hoge levensstandaard. Volgens Brulé is het gebrek aan vrijheid hier deels verantwoordelijk voor. Fransen geven aan zich beduidend minder vrij te voelen dan mensen in andere ontwikkelde landen. Ze scoren vooral relatief laag op psychologische vrijheid, dat wil zeggen zelfvertrouwen en de controle die ze beleven over hun lot.

Brulé wijst op de hiërarchie van de Franse samenleving als grootste limiterende factor voor geluk. Die hiërarchie krijgen Fransen ten eerste mee in het onderwijs, waar éénrichtingsverkeer gebruikelijk is. Deze belemmering in psychologische vrijheid lijkt geluk te verminderen. In tegenstelling: participatief onderwijs, zoals in Scandinavië, lijkt sterk gerelateerd aan het gemiddelde geluk van volwassenen. Het kweekt op de lange termijn psychologische vrijheid, bereidt toekomstige volwassenen beter voor op het maken van keuzes en helpt hen een gevoel van beheersing te ontwikkelen.

Daarnaast is er de relatief grote machtsafstand op de werkvloer in Frankrijk. Homo hierarchicus is minder gelukkig dan homo aequalis - en de eerste is in Frankrijk nog steeds het meest voorkomend, stelt Brulé. 
Volgens Brulé illustreert het Franse voorbeeld een breder Zuid-Europees patroon, met ook een vrij sterke hiërarchie in landen als Spanje en Italië.

Over de promovendus
Gaël Brulé studeerde environmental engineering aan INSA Rouen en KTH Stockholm. Sinds die tijd werkt hij op het gebied van duurzame ontwikkeling, onder meer aan TU Delft. Hij is mede-oprichter van een architectuurbureau dat zich richt op duurzame ontwikkeling en welbevinden. Ook is hij wetenschappelijk directeur van Fabrique Spinoza, een Parijse denktank op het vlak van geluksbevinden voor burgers. Hij is als gastonderzoeker verbonden aan Erasmus Happiness Economics Research Organization (eHERO).

 

 

 

Meer informatie

Persvoorlichting Erasmus Universiteit Rotterdam, T 010 408 1216 of E press@eur.nl