"Juist COVID heeft de noodzaak van een inclusieve aanpak versterkt in het hele academische veld"

Na haar benoeming door minister Van Engelshoven van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), treedt EUR Chief Diversity Officer prof. dr. Semiha Denktaş toe tot de Nationaal Adviescommissie Diversiteit Hoger Onderwijs en Onderzoek. Deze commissie monitort en adviseert het ministerie en de academische sector bij het behalen van de doelstellingen van het nieuwe Nationaal Actieplan Diversiteit. We vroegen professor Denktaş naar het nieuwe actieplan en de mogelijke impact ervan op de EUR en de academische sector in het algemeen.

De Nederlandse overheid heeft onlangs een nieuw actieplan voor diversiteit en inclusie ontwikkeld. Wat zijn de belangrijkste conclusies? 

Allereerst is het hoofddoel voor dit actieplan dat diversiteit en inclusie 'beter verankerd zijn in de bestaande instrumenten, zoals kwaliteitsborging, evaluatie en NWO-instrumenten.' Concreet begint dit met de beoordeling van onderzoeksvoorstellen, programma's en curricula. Vervolgens moet er beter benoemd worden wat er aanwezig moet zijn om diversiteitsbeleid in onderwijs en onderzoek te implementeren. 

Maar ook is een betere inbedding nodig van diversiteit en inclusie in de bestaande accreditatie, beoordelings- en kwalificatie-instrumenten, zoals in onderwijskwalificaties (BKO, SKO).   

Tot slot moeten we expertise op het gebied van diversiteit en inclusie als integraal onderdeel van competentie- en selectiecriteria stimuleren in vacatures, benoemingen, leidinggevende- en managementfuncties.  

Welke voordelen zie je in dit plan? 

Wat mij bemoedigt in de opbouw van het plan, is dat het de nadruk legt op het belang van diversiteit en inclusie (D&I) voor de kerntaken van academische instellingen. En daarmee zet het ook de toon voor de betrokkenen binnen onze instituten om dit verder te bevorderen. Daarnaast nodigt dit actieplan hele instellingen uit -en niet alleen diversiteitsfunctionarissen- om zinvol na te denken over hun D&I- prioriteiten en doelstellingen, en hoe zij de bredere leerpunten daaruit (kunnen) omarmen. Ik vind het een zeer positieve toevoeging. 

Een ander voordeel is dat je een kader kunt schetsen om gemotiveerde individuen en instellingen in staat te stellen samen te werken en van elkaar te leren, wat een impuls geeft. En dat bevordert juist de kwaliteit voor alle academische instellingen, wat alleen maar gunstig kan zijn voor studenten, onderzoekers, werknemers en de samenleving in het algemeen.  

Waarom is zo'n actieplan voor het academisch onderwijs- en onderzoeksveld nodig? 

De academische wereld is een concurrerende industrie. En diverse, inclusieve omgevingen waarin mensen een hoog niveau van sociale veiligheid voelen, zijn plaatsen die het innovatieve denken en het samenwerken stimuleren. Die sociale veiligheid is nodig om onderzoek van hoge kwaliteit te kunnen leveren.   
Hoewel we hebben gekeken naar de ontwikkeling van strategieën om het denken over diversiteit en inclusie in de praktijk te integreren, is er nog veel werk aan de winkel. Het blijft een feit dat er nog altijd sprake is van een ongelijk landschap en dat veel studenten, onderzoekers en werknemers nog niet de directe voordelen van een expliciete diversiteits- en inclusieaanpak erkennen. Ze weten eenvoudigweg niet hoe ze betrokken kunnen worden bij het promoten van deze aanpak en het is voor hen niet duidelijk of het zelfs van belang is.    

Daarom is dit actieplan zo waardevol, omdat het instellingen aanmoedigt en ondersteunt om diversiteits- en inclusiebeleid op een structurele en zinvolle manier te verankeren en om bredere acties te ondersteunen die dit beleid ook bevorderen. 

Je bent ook lid van de COVID-taskforce van de overheid, een andere grote maatschappelijke uitdaging. Zie je punten waar deze uitdagingen elkaar kruisen? 

Absoluut! Of je nu kijkt naar de impact van COVID-19, economische ongelijkheden of systemische barrières van racisme, seksisme, enz., veel van de kritieke uitdagingen van onze maatschappijen hebben betrekking op diversiteit en inclusie. Juist COVID heeft de noodzaak van een inclusieve aanpak versterkt in het hele academische veld en binnen onze gemeenschap.  

Ondanks de emotionele druk die individuen in onze gemeenschap en daarbuiten ondervinden, hebben we specifieke en unieke uitdagingen gezien waarmee bepaalde groepen worden geconfronteerd. Zo viel de onderzoeksoutput van vrouwen terug doordat tijdens de lockdown de huishoudelijke taken voornamelijk bij vrouwen werden neergelegd, en ook werden economisch onzekere studenten geconfronteerd met minder toegang tot de hoogwaardige faciliteiten die de EUR biedt, zonder de mogelijkheid om dit thuis te kunnen compenseren. Deze unieke uitdagingen maken dat het voor deze personen nodig is om de impact van bepaalde gelijkheidsdimensies op hun vermogen om een productieve collega of student te zijn (bijvoorbeeld geslacht en inkomen), te erkennen. Onderzoekers van het Diversity Office kwamen tot deze conclusie in hun COVID white paper en boden actieplannen voor alle relevante partijen.     

Veel van de aanbevelingen uit dit nationale plan zullen geïmplementeerd moeten worden binnen academische instellingen zoals de EUR. Hoe belangrijk is ons Diversity & Inclusion Office om dit binnen de EUR te borgen?   

Diversity & Inclusion Offices en -medewerkers zijn belangrijk, maar het waarborgen van diversiteit en inclusie is veel te belangrijk om alleen aan hen over te laten. 

Diversiteitsmedewerkers hebben momenteel een essentiële rol als ambassadeurs, belangenbehartigers en actieve en betrokken leiders bij het implementeren van deze uitgebreide plannen om inclusiviteit in hun instellingen te bevorderen. Maar er zijn grenzen aan deze rol, het belangrijkste is dan ook om voldoende draagvlak en ondersteuning te krijgen van alle individuen en actoren binnen de EUR. Alle collega's laten inzien dat ze zelf verantwoordelijk zijn om te begrijpen hoe aspecten van diversiteit hun werk beïnvloeden; om zowel structureel als individueel verantwoordelijkheid te nemen om een rechtvaardige omgeving te creëren. Dat begint natuurlijk met de steun van het topmanagement binnen de instelling.  

Tot slot, je begint volgende maand aan je ambtstermijn in de adviescommissie die toezicht houdt op dit plan. Wat zijn je gedachten daarover? 

 Ik ben blij dat ik straks deel uitmaak van deze veelbelovende commissie en ik kijk ernaar uit om de grote inspanningen die we hebben geleverd om van de EUR een veiligere en rechtvaardiger instelling te maken, voort te zetten. Ik wil deze grondbeginselen graag naar een breder niveau tillen door lid te worden van deze commissie. Ik geloof dat door nauw samen te werken met het ministerie en met gewaardeerde collega's, we beter kunnen zorgen voor inclusiviteit en rechtvaardigheid welke de voorwaarde zijn voor academische excellentie. 

Meer informatie

Meer informatie over diversiteit en inclusie bij EUR

Bekijk de pagina's over Diversiteit en Inclusie of mail naar diversity@eur.nl.