Zorgt aansluiting bij EU voor meer geluk?

Zorgt aansluiting bij EU voor meer geluk?

Het gemiddelde geluk in de meeste lidstaten van de Europese Unie is toegenomen na aansluiting bij de EU. Dat blijkt uit onderzoek door Erasmus Happiness Economics Research Organisation (eHERO) van de Erasmus Universiteit Rotterdam naar aanleiding van het referendum over het associatieverdrag met Oekraïne. Hoewel oorzakelijkheid moeilijk valt te bewijzen zijn er wel aanwijzingen dat aansluiting zorgt voor een stijging van het gemiddelde geluk.  

In het referendum kunnen Nederlanders zich uitspreken over een associatieverdrag van de EU met Oekraïne. Op de achtergrond speelt meer en gaat het ook over de EU als zodanig; veel nee-stemmers willen vooral een geluid tegen ‘Brussel’ laten horen.

In dit verband is het nuttig om te weten of Nederlanders nu beter of slechter af zijn sinds toetreding tot de EU - en hoe het de burgers in andere landen is vergaan. Een goede indicatie daarvoor is verandering van de gemiddelde levensvoldoening in lidstaten. Erasmus Happiness Economics Research Organisation heeft gegevens hierover uit de World Database of Happiness op een rijtje gezet.

Kopgroep
In de onderstaande grafiek zijn de EU-landen verdeeld naar jaar van toetreding in vier groepen. De EU ging in 1973 van start met een kopgroep van negen landen, waaronder Nederland. Begin jaren 1980 kwamen er drie Zuid-Europese landen bij (Griekenland, Portugal en Spanje) en halverwege de jaren ‘90 traden nog eens drie (Finland, Oostenrijk, en Zweden). Dit millennium sloten ook 11 Oost- Europese landen zich aan bij de EU.

In drie van de vier groepen tekent zich een stijging van het gemiddelde geluk af, namelijk in de kopgroep van negen landen, de drie anderen die in 1994 toetraden en in de elf Oost Europese landen. In Nederland is het gemiddelde geluk ook toegenomen, namelijk met 0,44 punt (6,0%) over de periode 1973-2015. Deze stijging is toe te schijven aan een daling van het aantal mensen dat aangeeft niet zo tevreden of ontevreden te zijn met het leven (van 7% naar 5%) en een stijging van het aantal mensen dat aangeeft zeer tevreden te zijn (van 40% naar 53%).

In de drie Zuid-Europese landen bleef het gemiddelde geluk aanvankelijk vrijwel gelijk, maar zakte na 2006 sterk als gevolg van de economische recessie en de institutionele problemen die daarbij aan het licht kwamen. Sinds 2012 is een krachtig herstel ingetreden, maar per saldo is het gemiddelde geluk in deze lidstaten toch gedaald.

Oorzakelijkheid
Het gemiddelde geluk in de meeste lidstaten is dus toegenomen na aansluiting bij de EU. Maar dat betekent nog niet dat die stijging ook werd veroorzaakt door deze aansluiting. Oorzakelijkheid valt moeilijk te bewijzen, maar er zijn aanwijzingen in die richting. Eén aanwijzing is dat het gemiddeld geluk in landen sterk afhankelijk blijkt van economische welvaart en van de kwaliteit van de overheid, beiden zaken waar de EU sterk op inzet. Een tweede indicatie is dat het gemiddelde geluk vrijwel onveranderd is gebleven in enige andere ontwikkelde landen die géén lid van de EU zijn: Australië, Noorwegen, Zwitserland en de Verenigde Staten.

Over het onderzoek
Details over de lidstaten afzonderlijk is beschikbaar op de World Database of Happiness en voor landen met minimaal 20 datapunten in het Trend Report Average Happiness in Nations 1945-2015.

Meer informatie

Prof. dr. Ruut Veenhoven of dr. Martijn Burger, Erasmus Happiness Economics Research Organization, Erasmus Universiteit Rotterdam, veenhoven@ese.eur.nl of 06-30833465