Faculteiten

Faculteitsbestuur

De bestuursorganisatie van een faculteit wordt globaal geregeld in de Wet op het Hoger onderwijs en Wetenschappelijk onderzoek (WHW), gewijzigd in 1997 via de Wet Modernisering Universitaire Bestuursorganisatie (MUB) en voor wat betreft de EUR in werking getreden op 1 januari 1998. De facultaire bestuursorganisatie is nader geregeld in het Bestuurs- en Beheersreglement (BBR) EUR en in het faculteitsreglement van iedere faculteit.

In het Reglement voor de Universiteitsraad zijn de taken van de Faculteitsraden geregeld. In het faculteitsreglement wordt o.m. voorzien in het bestuur van de opleiding(en) van de faculteit, van het binnen de faculteit te verrichten onderzoek en in de basiseenheden (capaciteitsgroepen). De genoemde reglementen liggen ter inzage bij de Stafafdeling Juridische Zaken, respectievelijk de faculteitsbureaus.

Organisatiestructuur van het faculteitsbestuur

  • Bij de EUR is het bestuur van de faculteit éénhoofdig en wordt gevormd door de decaan. Het College van Bestuur benoemt en ontslaat de decaan. Over een voorgenomen benoeming of ontslag wordt de Faculteitsraad gehoord. 

    De decaan is belast met de algemene leiding van de faculteit en met het bestuur en de inrichting van de faculteit voor wat betreft het onderwijs en onderzoek. De decaan stelt daartoe het faculteitsreglement vast.
    De decaan werkt mee aan het bestuur van de universiteit door overleg te voeren met het College van Bestuur bij de voorbereiding van het instellingsplan en de begroting. De decaan heeft tevens een aantal specifieke taken waaronder het vaststellen van de onderwijs- en examenregeling en de richtlijnen voor de wetenschapsbeoefening. De decaan is verantwoording schuldig aan het College van Bestuur en verstrekt het College van Bestuur daarover de gevraagde inlichtingen.

  • De faculteitsraad is het medezeggenschapsorgaan bij een faculteit. Deze raad wordt voor de helft gekozen door en uit de geleding van het personeel en voor de helft uit en door de studenten van de faculteit. Lees meer over de faculteitsraden.

  • Het faculteitsbureau verzorgt de ambtelijke ondersteuning van de decaan en van de faculteitsraad. Het bureau is verantwoordelijk voor de facultaire beleidsontwikkeling en beleidsuitvoering, met name op het terrein van onderwijs en onderzoek. Daarnaast verleent het bureau diensten aan facultaire medewerkers en studenten en is belast met de feitelijke uitvoering van het financieel beheer en het personeelsbeheer van de faculteit. De decaan is door het College van Bestuur als faculteitsbeheerder aangewezen. De faculteitsdirecteur is het hoofd van het faculteitsbureau en is tevens subbeheerder onder de decaan.

  • De decaan voorziet in het bestuur van de opleiding(en) binnen de faculteit. Dit bestuur kan meerhoofdig zijn (opleidingsdirectie) of éénhoofdig (opleidingsdirecteur). Bij de EUR is het opleidingsbestuur éénhoofdig. De opleidingsdirecteur wordt bijgestaan door een adviescommissie, de Opleidingscommissie, die voor de helft uit docenten en voor de helft uit studenten bestaat.

  • De decaan voorziet in het bestuur van het binnen de faculteit te verrichten onderzoek. De decaan kan daartoe binnen de faculteit een of meer (facultaire) onderzoeksinstituten of onderzoeksscholen instellen. Een faculteit of facultair onderzoeksinstituut of -school kan ook deel uitmaken van interfacultaire of interuniversitaire onderzoeksinstituten of onderzoeksscholen.

  • De decaan stelt basiseenheden (capaciteitsgroepen, afdelingen) in om de werkzaamheden van medewerkers die op hetzelfde vakgebied werkzaam zijn te organiseren, te coördineren en te integreren. De voorzitter van een capaciteitsgroep of afdeling is een hoogleraar.

    Een capaciteitsgroep heeft onder meer de volgende taken:

    • regeling en uitvoering van het onderwijs van de capaciteitsgroep of afdeling;
    • uitvoering van het onderzoekprogramma van de capaciteitsgroep of afdeling, met inachtneming van de richtlijnen van de decaan.